Fruitboompjes planten

Tussen november en maart is het de moment om fruitbomen te planten.

Ik koos twee laagstam appels: Transparente de Lesdain RGF en Red Topaz. En een laagstam pruim: Sainte Cathérine RGF. Van vorig jaar heb ik al een Alkmene appelboompje staan dat ik als spilvorm wil opkweken.

Appel Transparente de Lesdain is een eetappel met zoet vruchtvlees en een geelgroene en gladde schil met een zacht rode blos aan de zonnezijde. Ik koos voor deze appel omdat je die zomaar niet in elke winkel vindt. En vooral omdat hij het RGF label heeft.

Dat RGF label, wat is dat eigenlijk? Wel, RGF is een project opgestart in de Waalse gemeente Gembloux. Je kan dus ook spreken van Gembloux-rassen. Deze rassen zijn zeer interessant voor mensen die fruit op een ecologische manier willen kweken zonder gebruik te maken van vergif. Het zijn steeds oude, vergeten fruitboomrassen die uiteindelijk beter bestand blijken te zijn tegen tal van hedendaagse ziektes. Je vindt deze rassen niet zomaar bij elke boomkweker. Ik vond mijn bomen bij boomkwekerij De Linde in Kemmel.

Transparente de Lesdaine is geen zelfbestuivende appel. Dus moest ik nog een boompje hebben om mee in het huwelijk te treden. Bart van De Linde raadde me er enkele aan en daaruit koos ik Red Topaz. Dit is een knappend, zoetzure oranjekleurige appel. Hij is zeer aromatisch en bovendien schurftresistent.

In de kwekerij konden we de verschillende soorten vruchten in ’t echt bekijken en ruiken. Zalig!

De pruim Sainte-Cathérine RGF is een groengeel, middelgroot, licht langwerpig pruimpje. Het is matig sappig en lekker zoet, geschikt als dessert of in de keuken. Mmmm! Ik zette het boompje in het kippenhok.

Het planten zelf dan: de laagstam appelbomen moesten aan een dikke kastanjehouten paal van 3 meter lang gezet worden. Eén meter moest in de grond geduwd worden. Ik haalde de ‘drijver’ van mijn vader, een zware metalen gesloten buis met handvaten eraan. Buurman die dat gezien had, stuurde een berichtje: “Koekoe, ga je de hulp van Brutus nodig hebben straks? Indien ja, wanneer?” Tof hè! Met enkele rake stoten stonden de palen op een wip een meter diep in de grond. De pruimenboom had een korter paaltje nodig. Binnen drie jaar kan die zelfstandig staan. Maar een laagstam appelboom moet heel zijn leven ondersteund worden. Ook het Alkmene appelaartje kreeg een stevigere paal.

Restte alleen nog het vastmaken van de boompjes aan de palen. Met binddraad in de vorm van een 8 gebonden zodat de stammetjes niet insnoeren.

Kletsnat van de regen maar echt content ben ik daarna in een warm bad gekropen. Laat ze maar groeien, ik droom al van de eerste bloesems…