Witte Salie

Witte Salie of Salvia apiana, op de Velt-markt dit voorjaar kreeg ik er zaadjes van.

Wist ik veel dat dit zo’n bijzondere plant is. Hij zou gebruikt worden om huizen en personen ritueel te reinigen en van boze geesten te ontdoen. Maar om daarin te geloven, ben ik net iets te nuchter. Wat me wel interesseert, is dat als je deze plant brandt en de rook verspreidt, deze bacteriedodend is. Dus in tijden van ‘winterverkoudheden die maar niet uit huis geraken’ wil ik dat wel eens proberen.

Dus ik heb de zaadjes in een bakje gezaaid. Dat was niet zo makkelijk. Het duurde heel lang eer er iets opkwam en ondanks de beste zorgen kwijnden enkele plantjes terug weg. Drie kon ik er overhouden en voorzichtig in potjes verplanten. En ze groeiden.

Na de Ijsheiligen heb ik de potjes in de serre gezet. Eentje kreeg bladluizen, werd dagelijks liefdevol afgespoeld met water en kwam er terug door. Ondertussen staan ze in volle grond in de serre en doen het goed.

Voor de winter ga ik ze wel terug oppotten en binnen zetten want deze Salvia zou absoluut niet tegen vorst kunnen.

De eerste rijpe tomaten

Elk jaar is het reikhalzend uitkijken naar de eerste rijpe tomaten!

Dit jaar zijn ze wel heel vroeg dankzij de nieuwe serre. Winnaar is deze keer een kerstomaatje ‘Sungold’ dat ik kreeg als plantje van Jan. Vanavond zullen de eerste zes tomaatjes eerlijk verdeeld worden onder ons vieren. 😉

De zoon in Leuven zal nog even moeten wachten. Die wordt nochtans ook niet misdeeld. In het weekend gaan we zijn vuile was halen en zorgt moeder de vrouw (ikke dus) voor een nieuwe lading propere kleren en eten. Zo ook fruit uit de tuin.

Straks zal ik voor mezelf ook zo’n doosje plukken. Ik start vanavond weer met een serie van vier nachten en ik zie het (niet) helemaal zitten. Liefst van al zou ik onze mensen allemaal buiten leggen deze nacht. Onder de bomen in onze tuin en dan samen luisteren naar de kwakende kikkers. Dan zouden ze wel rustig zijn.

Een buitendouche en een zwemvijver in de tuin, dat zou nu ook van pas komen…

Maar straks eerst die eerste rijpe tomaten proeven. Sungold zou een heel zoet tomaatje zijn, ik ben benieuwd.

Andere tomaten die ik zelf gezaaid heb en die daar ook al veelbelovend hangen : Cosmonaut Volkov, Sacharnaja Sliva Krasnaja, Alicante, Potager de Vilvorde, Anna Russian, Black Plum, Belarus Orange en Tel-Aviv Train. De zaden kreeg ik van ‘Velt-tomatenman’ Eddy Ceyssens.

De serre

Buurman riep over de afsluiting of de Sint of de paashaas geweest was.

Nee jong, hard voor gewerkt en gespaard. Ik droomde al lang van een serre, zo één in smeedijzer zoals hier. In mijn dromen stond daar ook een tafeltje en stoeltjes in en een boekenkast met allemaal tuinboeken. Tussen de tomaten en de tuinboeken zou ik daar dan met tuinvrienden thee drinken. Zie je ons al zitten? 😉

Maar omdat ik het sparen beu was en bijlange nog niet het bedrag bereikt had dat ik voor zo’n serre nodig had, vond ik een alternatief. Via Velt natuurlijk, ha ja. Want een serre uit een ordinair tuincentrum, dat wilde ik niet. In het velttijdschrift ‘Seizoenen’ staat regelmatig een advertentie van Hobbyserres Stappaerts. Zij zijn begonnen met serrebouw door professionele serres die niet meer gebruikt worden, af te breken en met die hoogwaardige materialen hobbyserres te bouwen. Dat vind ik een prachtig initiatief! Door recyclage zelfs betere kwaliteit verkrijgen, is dat niet fantastisch?

We brachten dus een bezoekje aan hen in Tielen. We kwamen terecht aan een gewoon huis in een gewone woonwijk. Vanachter ‘op den hof’ stonden de toonserres en in een schuurtje was hun bureau. Zo sympathiek! Leo en Kim gaven ons een zeer degelijke uitleg.

Ondertussen bouwen ze ook serres met nieuwe materialen. Daar ze in tweedehands alleen zo van die lelijke aluminium hebben en ik dat echt niet graag zie, gingen we toch daar voor. We kozen een mooie zwarte van 4,50 op 3 meter.

Je kan kiezen of je ze zelf plaatst of laat plaatsen. Met geen ‘handige harry’s’ in huis, kozen we voor het laatste. Op een halve dag was het geklonken.

En toen kon ik de ‘grondwerken’ doen : gras afplaggen en grond luchtig maken. Buiten regende het en was er een gure wind maar ik kon toch ‘buiten spelen’. Daarna een weggetje gemaakt met oude dakpannen en gehakseld hout. Onze knotwilgen kwamen hiervoor weer eens van pas : takken die te laag groeien, snoeide ik weg en duwde ik door de hakselaar.

De tomatenplanten die ik gezaaid had en die in onze living al danig in de weg stonden, konden er eindelijk in. Tussen de planten nog enkele dakpannen op de grond gelegd. Want ik wil niet op mijn grond stappen. Zo moet ik net als in de moestuin nooit spitten. Luie tuinier die ik ben. Ik heb in ieder geval het gevoel dat ik me hier nog enorm ga amuseren.