De klimaatbestendige tuin

Net voor de corona-lockdown (wat waren dat zalige tijden) had ik de gelegenheid een lezing van Wim Collet bij te wonen.  Wim is landschaps- en tuinarchitect en docent.  Dus hij kan heel boeiend vertellen.  De provincie Vlaams-Brabant en de Regionale Landschappen hadden hem uitgenodigd om tips te geven hoe we onze tuinen kunnen aanpassen aan het veranderende klimaat.

Zijn presentatie kan je op deze pagina vinden.

Het is heel boeiende materie en er is echt ’t één en ’t ander serieus binnen gekomen bij mij.

Wim legt eerst uit wat er momenteel mis loopt.

Er is een toename van de hoeveelheid regenwater in l / vierkante meter / jaar.  Toch verlaagt de grondwaterspiegel serieus ondanks die meer regen.  Omdat de bodem bijna niet meer doorlaatbaar is, wij verharden te veel, loopt veel water verloren door de riolering.  Eigenlijk zou elke druppel hemelwater die op een terrein valt en niet huishoudelijk gebruikt wordt, op hetzelfde terrein moeten kunnen infiltreren.  Zo krijgt je tuin een betere vochtbalans en is er een toename van de grondwaterstand.

Hij toonde een kaart over kwetsbare bodems.  Grond die uitgedroogd is, heeft 500 tot 1000 jaar nodig om terug in de juiste structuur te komen.  België staat even rood gekleurd als de Sahel!

Dan is er ook het hitte-eiland effect.  Op hete dagen is het in steden met veel bebouwing 9°C warmer dan buiten de stad!

Als je een tuin hebt, kan je echt een verschil maken als het gaat over klimaatverandering of biodiversiteit!!!

Want in Vlaanderen bestaat 9 procent van het land uit privétuinen!  Natuurgebieden nemen maar 3 procent in en bossen 11 procent.  Ik word daar blij van als ik er iets kan aan doen en grijp heel graag deze kans met beide handen.

Wat kunnen we doen?

Eerst en vooral verhardingen beperken.  Geen cement of stabilisé gebruiken onder terrassen maar wel zand of gebroken betonpuin.  Dat is even sterk en beter waterdoorlaatbaar.  (geen mengpuin want dat koekt onregelmatig bijeen en dan zakt je terras scheef)  Geen geotextiel gebruiken want dat vervilt en is dan niet meer doorlaatbaar.  Ook gronddoeken (de zogezegde worteldoeken die toch niet helpen, wortels boren zich daar door) houden water tegen en maken het bodemleven kapot.

Maar ook kortgeschoren gazon hoort eigenlijk bij verharding volgens hem.  De wortels zijn even kort als het gras zelf.  Daardoor wordt het zo vlug dor bij aanhoudende droogte.  En bij stortbuien dringt maar 30% van het water door de bodem.  De rest spoelt weg naar de riool.

Nog veel erger is kunstgras!  Dat heeft maar 10% infiltratie en indien op stabilisé gelegd, 0%!  Je draagt ook bij aan de plasticsoep en wat biodiversiteit betreft, tja …  Daarbij is dat ook zwaar om te onderhouden.  Je moet dat stofzuigen en het mos eruit krabben.

En dan die ene trend: de ‘steentuinen’ …

Drie dingen die we echt kunnen doen:

1. Een ‘wadi’ aanleggen.  Klinkt moeilijk maar zelfs ik kan dit! Het is een ‘uitdieping’ in het gras waar niet langer dan 24 u water blijft instaan.  Je kan dit in de vorm van greppels van ‘1 schup’ breed en diep maken.  Het regenwater na een fikse bui blijft daarin staan en loopt niet direct naar de riolering.  Je kan die wadi zelfs beplanten met planten die er geen probleem van maken om wisselend nat / droog te staan.

Ik maakte iets gelijkaardig hier.  Het is minder diep dan een echte wadi, ik verwijderde gewoon de graszode.  Maar bij hevige regenval merk ik wel dat het water daar even blijft staan.  Het is dus ook een goede ‘waterretentiezone’.

2. De bodem zoveel mogelijk bedekken met planten of mulch.  Een bodem moet je koesteren!  Heb uw bodem lief, zet hem niet in zijn blootje!  Als je dezer dagen langs velden rijdt, waar aan gangbare landbouw gedaan wordt, dan zie je de grond stuiven en wegwaaien door de wind.  Dit is erosie.  Door het gif en de chemische meststoffen is die bodem dood.  Geef hem liever een goede mulchlaag.  Zo zorg je voor een goede kruimelstructuur en bodemleven en heeft hij een maximale infiltratie en capillaire werking.

3. Maak een goede plantenkeuze.  Ga niet zomaar naar een tuincentrum maar naar een plantenkwekerij.  We hebben er heel veel in Vlaanderen.  Maar die planten worden vooral uitgevoerd en in de tuincentra komen alleen enkele algemene soorten terecht.  Da’s spijtig eigenlijk hè.  Hoe komt het dat de Vlaming de weg er naartoe niet vindt?

Over die plantenkeuze kan ik hier nog wel efkens doorgaan maar dan wordt dat hier te lang.  Voorzie zeker een boom die mag groeien.  Een boom die steeds moet ingekort worden, da’s zo zonde.  Geen plaats voor een boom?  Kies dan een klimplant.  Zelfs voor uw huis is een klimplant geen gevaar, integendeel: dat isoleert.  Ze houden je muren droger en in de zomer koeler.

Ben je net als ik helemaal enthousiast over deze materie?  Dan kan je een profiel aanmaken van je tuin op mijntuinlab.be.  Je krijgt daar heel wat tips en info en je kan je tuinscore berekenen.  Ik kreeg 91%.  Hoeveel is jouw score?

Hoe maak je een bloemenweide?

Vorige week kreeg ik een berichtje van iemand uit ons dorp. Dat ze graag een bloemenweide wilde bekomen. En of ik wist of ze hun gazon moesten omspitten of ze bloemen rechtstreeks in de grasmat konden zaaien. En of ik een zaadjesmengsel kon aanbevelen?

Heel blij werd ik van dat bericht! De kortgeschoren gazons die eruit zien als een biljartlaken, die zijn nu eindelijk stilaan aan het verdwijnen. Ge kunt die niet meer mooi houden door de klimaatverandering. Zo’n kort gras wortelt niet diep genoeg en in onze tegenwoordig droge, hete zomers wordt dat direct dor. Daarbij is zo’n woestijn van alleen maar grassprietjes niet interessant voor onze biodiversiteit.

Leve de nieuwe hype van de bloemenweides en bloemenakkers dus! Vele soorten insecten die massaal aan ’t uitsterven zijn maar die we broodnodig hebben, varen er wel bij. Alleen al om plaaginsecten onder controle te houden, hebben we hen nodig.

Maar wat is nu het verschil tussen een bloemenakker en een bloemenweide? In een bloemenakker groeien eenjarige bloemen zoals klaproos, korenbloem en kamille. Je zag die vroeger langs de akkerranden. Het zijn eenjarigen, dus je moet daarvoor elk jaar opnieuw de grond verstoren door te spitten of te freezen. De zaden die het jaar voordien in de grond gevallen zijn, kunnen dan terug kiemen. Verstoor je de grond niet, dan gaan deze bloemen weg en nemen andere soorten het over. Over een bloemenakker ga ik het hier verder niet hebben. Teveel werk voor mij, ik ben een luie tuinier… 😉

In een bloemenweide staan dus tweejarige en vaste soorten. Eigenlijk kan je op twee manieren een bloemenweide aanleggen: een snelle en een trage manier.

De snelle manier

Deze manier is eigenlijk het meest arbeidsintensief omdat je moet starten met verstoorde grond door te spitten of te frezen.  Dit doe je gelukkig maar één keer, alleen bij de aanleg.  Daarna, best in april of mei, ga je een bloemenmengsel zaaien. Je kiest hier voor een graslandmengsel met vaste en tweejarige bloemen. Bij De Bolderik of bij Ecoflora vind je toffe inheemse mengsels. Het is belangrijk niet voor ‘carnavalsmengsels’ te kiezen want die zijn niet interessant voor onze inheemse insecten, bijen en vlinders en daar helpen we hen dus niet mee. Het eerste jaar ga je nog niet veel bloem hebben van deze vaste en tweejarige planten. Daarom is het interessant er toch wat eenjarige bloemenzaden (korenbloem, klaproos, phacelia) tussen te mengen. Dan heb je na enkele weken al bloem en die maken dan in het jaar daarna plaats voor de andere soorten. En heb je het geluk dat er een mol in je bloemenweide woont, dan komen de klaprozen en korenbloemen terug daar waar hij gewroet heeft.  Grassen moet je er niet bij zaaien.  Die komen er wel vanzelf bij.  In je plaatselijke zadenbank zitten verschillende graszaden.

Aan de poel die wij deze winter wat uitgediept hebben waardoor de grond ernaast verstoord was, daar heb ik vorige week zo’n mengsel gezaaid. Ook in het weitje rechtover ons werd wat gewerkt door de buren waardoor er wat blote grond was. We spraken af daar ook wat te zaaien. Ik koos voor het vlinder en bijenmengsel vb2 van De Bolderik. En dat heb ik gemengd met Phacelia. Ik ben dus nu heel blij dat het regent zodat de zaden kunnen kiemen.

De trage manier

Op deze manier begon ik zo’n zeven jaar geleden. In het achterste deel van de tuin maaide ik het gazon niet meer. Ik reed gewoon nog met de grasmachine naar het poortje aan de poel en het poortje naar het vogelboske. En rond het geheel maaide ik ook een rand. Zo was direct het drogbeeld dat lang gras slordig zou zijn, doorprikt. Zelfs mijn schoonmoeder die het graag netjes en proper heeft en die niet moet hebben van lang gras, vond de structuur mooi.

Het eerste jaar hadden we alleen maar bloeiende grassen met wat boterbloemen ertussen. Ook heel mooi hoor! In het najaar heb ik dan gemaaid met de zeis en biobloembollen erin geplant. In het voorjaar hadden we krokussen en narcissen en werd dit stukje gedoopt tot ons biobloembollengraslandje.

Daarna kwamen er al wat meer bloemen uit de buurt: Pinksterbloemen, biggenkruid, duizendblad, … In juli en oktober maaide ik en voerde het maaisel af zodat de grond verschraalde. Een bloemenweide is het mooist op arme grond. Anders worden de planten te groot en vallen ze omver. En vanaf dan ben ik beginnen ‘bedrog doen’. Ik verzamelde zaden van wilde bloemen, knoopkruid uit de wegbermen, sint-janskruid van een velt-markt, zaadjes van wilde margrieten die ik gekregen had, … Die zaaide ik uit in de moestuin. En in het najaar als het gras de laatste keer gemaaid was en niet meer groeide, plantte ik deze plantjes uit in de bloemenweide. Tegen dat het gras in het voorjaar terug begint te groeien, zijn die plantjes goed geworteld en sterk geworden. Op deze manier kan ik steeds nieuwe soorten introduceren.

Waarom het een hype geworden is …

… omdat we nu doorhebben dat een gazon met alleen maar sprietjes saai is, veel werk en direct kapot in onze droge zomers.

Net voor de lockdown kon ik nog een lezing meepikken van landschaps- en tuinarchitect Wim Colet. Ook hij ziet alleen maar voordelen in bloemenweides ipv gazon. En ken je Louis De Jaegher? Hij is landschapsarchitect en lid van verschillende agro-ecologische denktanks. Ik ben fan van zijn acties zoals ByeByeGrass en Make Belgium Wild Again.

Laten we met z’n allen maar wat meer luisteren naar deze mannen! Zij helpen ons om onze tuinen klimaatbestendig te maken. En ’t is nog een mooie hype ook …

 

Weideoogst

Nu heb ik iets gevonden zeh! Wie mij een beetje kent, weet dat ge bij mij niet moet afkomen met een boeket bloemen. Nogal ambetant voor de echtgenoot want als die iets mispeuterd heeft, is ‘ne schone bloemekee geven, geen avance’.

Snijbloemen uit de traditionele teelt, ik heb daar schrik van. Hier lees je waarom, ze zitten vol met pesticidenresidu’s en zijn zo letterlijk een vergiftigd geschenk.

Daarom was ik zo blij toen ik Lies en haar project ‘Weideoogst’ ontdekte!

Foto Lies Van Ackeleyen

Lies woont ook in Malderen. Toen haar grootmoeder in 1994 overleed, kocht haar papa een lap grond in Grimbergen. Met de hele familie maakten ze daar een groene oase van. Er werden meer dan 400 inheemse bomen en struiken gezet, er grazen heel gezellig twee pony’s en ze hebben daar hoogstamfruit. Sinds 2016 is Lies daar beginnen moestuinieren en in het najaar van 2018 begon ze zalig onbezonnen aan het ‘experiment tulp’. Ze liet zich inspireren door ‘Bloem zkt vaas‘ en stak 650 tulpenbollen in de grond.

foto Lies Van Ackeleyen

En toen kreeg ze ‘tulpstress’, zoals ze het zelf zo mooi beschrijft. Want in het voorjaar van 2019 kwamen al die tulpen te voorschijn en hoe ging ze die nu verkopen? Ze vond een verkoopkanaal via ‘Hello Alice’ te Malderen en zo leerde ik Lies kennen.

foto Lies Van Ackeleyen

De tulpen vlogen de deur uit! Vooral omdat er een verhaal aan de bloemen vasthangt. Ze worden lokaal gekweekt, zonder bestrijdingsmiddelen en zonder energieverslindende maatregelen. Op het ritme van de natuur dus. Dat maakt dat de bloemen steeds seizoensgebonden zijn. In de winter heb je geen bloemen dus je kan er reikhalzend naar uitkijken. Dit zijn de zogenaamde ‘slow flowers’. Zalig toch hè?

foto Lies Van Ackeleyen

Door al die enthousiaste mensen die haar aanmoedigden, nam Lies de sprong en stopte nu 2000 tulpenbollen in de grond. Ze had nu wel een businessplan uitgedokterd. Normaal ging ze verkopen via geschenkenwinkeltje Titatimi te Opwijk en via koffiebars Zjat’O te Londerzeel, Zw.art te Meise en De Wereld van Alice te Merchtem. Maar de Corona-crisis gooide roet in het eten. De plannen staan nu dus on hold maar als de situatie terug veilig is, pikken ze de draad terug op.

foto Lies Van Ackeleyen

Want na de tulpen stopt het dit jaar niet. Yes! Er komen ook nog gladiolen, ranonkels, anemonen, dahlia’s en heel wat zaaibloemen zoals zinnia, rudbeckia, cosmos, zonnebloemen en strobloemen aan.

In Malderen en omgeving levert ze nu wel bloemen aan huis. Ze vraagt een berichtje te sturen via weideoogst@gmail.com, elektronisch te betalen en een emmertje buiten te zetten zodat alles veilig kan verlopen. Voor 5€ krijg je een boeket van 7 tulpen. Ze heeft gewone, dubbelbloemige, gefranjerde, parkiet- of pioenvormige tulpen en in allerlei kleuren. Ik koos voor mezelf een mix van dit alles en voor mijn buurvrouw en beste vriendin een bos antracietkleurige tulpen.

Wat ik ook zo tof vind: ze kiest voor geen plastieken verpakking! Via Redopapers, een bedrijfje dat werkt met papieroverschotten van drukkerijen, geraakt ze aan oude prints van posters. Een recupverpakking dus! Da’s toch de max hè!

Nog een kleine tip van Lies zelf (dit vertelde ze me vorig jaar al en ik ondervond dat het werkt): Doe elke dag een ijsblokje in het water van je tulpen. Dan blijven ze veel langer goed, een tulp heeft het graag fris. En ze heeft ook graag niet te veel water in de vaas, een flinke bodem is genoeg.

Ik blijf deze pittige dame zeker volgen! Want die is ‘zo goe bezig jong’! Helemaal blij word ik daarvan!

Foto Lies Van Ackeleyen

Pasen 2020

’t Is een rare Pasen dit jaar. Er zijn niet eens paaseieren! Niemand die eraan gedacht heeft ze mee te brengen van de bakker. En de klokken uit Rome hebben vliegverbod boven onze tuin gekregen. Die komen wel uit Italië hè, en met die Corona …

Toch is het razend gezellig in ons eigen kot. Een ontbijt met een fruitsapje van de wereldwinkel, een boke met kaas, muizenstrontjes of konfituur en kersenyoghurt van de buurderij smaakt ongelooflijk.

We aperitieven in ‘onze lounge’ en begluren terwijl een koppeltje bosduiven die de liefde aan ’t bedrijven zijn. Jongste zoon zijn commentaar is hilarisch. Na de daad zitten ze nog wat te flikflooien en dan zegt hij heel droog: “Allèh zeh, nu malkanders haar nog wat goed leggen en ze kunnen terug onder de mensen komen” Gieren!

Daarna doen we van barbecue. Ha ja de paasbloemen zijn hier al uitgebloeid, door de klimaatopwarming zitten we al een stapje verder. Barbecue op een oud gammel toestelletje, we kochten het ooit voor duizend frank toen we net getrouwd waren. We weigeren pertinent een nieuw te kopen. Voor ons geen barbecook of andere design toestanden. We willen ‘braaien’ zoals in Zuid-Afrika. En dat kan alleen maar op zo’n aftands dingetje.

Deze dag is voor nog een reden heel speciaal voor ons. Want het is 12 april. Twaalf jaar geleden kregen wij plots telefoon dat er een klein meisje in Zuid-Afrika op ons aan ’t wachten was. Of we even naar Geel naar ’t adoptiebureau wilden komen om te kijken of we dat zagen zitten. En of we dat zagen zitten!!! Ik lag nog in bed want had met de nacht gewerkt. Op een wip zaten we met het hele gezin in de auto op weg naar Geel waar we enkele uurtjes later na een zwangerschap van drie jaar bevallen zijn van een pracht van een dochter. Drie weken later zijn we haar mogen gaan ophalen in Zuid-Afrika.

Dochter geniet zichtbaar van de herinneringen die we ophalen. We zijn altijd heel open geweest over haar adoptie, toch heeft ze er meestal niet veel oren naar. Afrika is voorbij en ze is blij dat ze hier is, zegt ze. Soms maak ik me bezorgd of ze niet teveel ‘wegduwt’. Maar blijkbaar werkt dat goed voor haar. Ze danst door het leven en heeft massa’s vriend(inn)en. Daarom ben ik blij dat we toch af en toe eens kunnen stilstaan en deze zware materie kunnen benoemen.

Ondertussen is de echtgenoot hier in slaap gevallen, ligt de hond te ronken aan mijn voeten en wordt het warm op het terras nu de zon onder de zonnetent komt geschenen.

Ik ga een wandelingetje maken door de tuin. Aan iedereen een zalige Pasen en een dikke (virtuele) knuffel! Hopelijk mogen we snel terug echte knuffels geven want ik begin dat serieus te missen …

Krentenboompje

Er wordt hier nogal wat ‘gestoeft’ en hier ook. Daarom kan ik natuurlijk niet achterblijven.

Ik heb zelfs twee krentenboompjes, eentje ooit gekocht en enkele jaren nadien nog eentje gekregen van mijn ecomaat Frans De Smedt.

Het gaat hier over Amelanchier lamarckii of het Amerikaans krentenboompje. Opgelet, volgens de Alterias lijst zou het invasief zijn in gevoelige gebieden. Vooral in heidegrond en bossen op zure grond zou het zich ongecontroleerd kunnen uitbreiden. Hier nog niks van gemerkt, ze blijven alletwee braaf en vermeerderen zich niet. Dus ze mogen blijven.

Ik vind het zo’n toffe planten omdat je er drie keer plezier van hebt. De eerste keer nu, als de bloesems bloeien. Instant blij word ik daarvan. In de zomer komen er dan krenten aan de boompjes. De vogels zijn daar zot van. Dan is dat daar een gefoefel en een gefladder, echt plezant om te zien. De derde keer plezier is met de herfstverkleuring. Die is zo warm en vrolijk, zalig!

Heb jij planten in je tuin waar je ook zo blij van wordt?

Corona-food

Dezer dagen wil ik zo min mogelijk naar de supermarkt gaan. Eigenlijk ben ik er zelfs nog niet geweest sinds de corona-crisis. Ik bereid maaltijden uit de voorraadkast, de diepvriezer en de tuin. En ik doe mijn inkopen in de buurderij en de verpakkingsvrije winkel.

Proberen creatief te zijn in de keuken. Ik ben bijlange geen keukenprinses maar dit receptje vind ik wel geslaagd: Tagliatelli met rode biet en Berloumi. Dat rode biet met pesto en pasta lekker is, leerde ik bij Moniek van Velt. Ik gaf er dan zelf nog een draai aan om een volwaardige maaltijd te hebben.

Benodigdheden (voor 4 personen):

500 g tagliatelli of andere pasta

2 kleine rode bietjes (vond ik nog in de moestuin)

potje zongedroogde tomaatjes (Oxfam winkel via buurderij)

2 handjes cashewnoten (Tarra, verpakkingsvrije winkel)

blokje parmezaan (vond ik nog in de frigo)

olijfolie (Tarra)

2 handjes rucola (of ik vond nog veldsla en winterpostelein in de moestuin)

peper en kruidenzout

blok Berloumi (buurderij)

Werkwijze:

De rode bietjes wassen en ongeschild gaar koken in een bodempje water (ongeveer een kwartiertje) Terwijl kan je de rucola (of ander groen dat je vond) wassen en in grove stukken hakken.

Een pesto maken met de zongedroogde tomaatjes, de cashewnoten, parmezaanse kaas, peper en kruidenzout en een goeie scheut olijfolie.

De rode bietjes schillen en in blokjes snijden. De Berloumi kaas ook in blokjes snijden en die bakken in een pan tot ze een goudbruin korstje hebben.

De pasta koken en afgieten. Mengen met de pesto, rode biet, Berloumi blokjes en de rucola (of ander groen)

Voilà! Poepsimpel en lekker. Ik zet dat op tafel met de blok parmezaan en de rasp erbij. Zelfs de dochter en jongste zoon eten zo rode bietjes.

De lente in quarantaine

’t Zijn rare tijden nu. ‘Tegenstellingen’, da’s een woord dat mij hier regelmatig door het hoofd schiet.

-“Moeder Aarde slaat en zalft nu.” hoorde ik iemand zeggen. De pandemie die ze ons gegeven heeft, is inderdaad verschrikkelijk. Maar ze stuurt ons heel veel zon en zalige lentedagen tegelijkertijd.

-Druk, enorm druk is het nu. Op mijn job in de zorg, fysiek en mentaal. Het doet wel goed iets te kunnen doen maar de extra nachten plegen een aanval op mijn bioritme. Ik slaap slecht. Troosten doe ik vooral, verdrietige bewoners en collega’s in paniek.

-Thuis is alles anders. De scholen zijn dicht en de dochter moet haar nieuwe leerstof zelf verwerken wat echt niet makkelijk is. Voor Wiskunde werken we online samen met de rekentherapeute. En nu iedereen thuis is, poetst de kroost hun kamer zelf. Happy dansmuziek opzetten, waar we luidkeels op kunnen meebrullen, is toegestaan. Zeer wenselijk zelfs.

-Ik denk na. Over hoe het toch zo ver is kunnen komen. En ik vrees dat als we blijven oerbossen kappen omwille van de economie en wilde dieren blijven verhandelen als producten, we nog meer onbekende virussen waar we nog geen weerstand tegen hebben, zullen bevrijden.

-En het applaus voor ons, mensen in de zorg, het doet deugd. Maar het schrijnt ook enorm. Nu ineens zijn we helden. Maar wat we al lang vragen: meer middelen en mankracht want we verzuipen. Zou dat na deze crisis wel kunnen? Ik betwijfel het.

-Een wereldwijde crisis kan ons misschien eens wereldwijd laten nadenken. Over arm en rijk, over eerlijke fiscaliteit? Ik ben bijlange geen econoom maar ik ‘voel’ dat het fout zit met die ‘legitieme’ geldstromen die naar belastingsparadijzen verdwijnen. Dat is een systeem dat gecreëerd is, waarom kan er geen eerlijker systeem gemaakt worden? Is dat naïef?

Dan moet de arme middenklasse er niet meer voor opdraaien. En krijgt haatzaaierij tegenover ‘de vluchtelingen’ (zoals destijds tegenover de Joden) geen kans meer. Dan gaan mensen in de stemhokjes misschien terug hun verstand gebruiken? Want ik snap de link in hun hoofd niet. Als ge zelf ne sukkelaar zijt, moet ge toch niet tégen de sukkelaars stemmen?

-Ik lees ook positieve nieuwsberichten. Over satellietbeelden die tonen dat de luchtvervuiling ineens fors is afgenomen. Binnen 40 jaar gaan we dit zien in de grafiek van de klimaatopwarming als een knik, de Corona-knik. Misschien kunnen we de grafiek zelfs ombuigen?

-Zelfs heel dit blogbericht is een tegenstelling. Want ooit heb ik mezelf beloofd nooit of nooit over politiek te schrijven. En altijd positief te blijven. Maar ’t moest er eens af. ’t Zal me misschien wel wat volgers kosten, maar foert. Volgende keer bloggen we terug over de tuin…