Partner in crime

Ik moet iets bekennen! Ik heb sinds dit voorjaar tot nu vele misdrijven op mijn geweten. Moorden, duizenden moorden heb ik gepleegd!

’s Nachts, al sluipend door de tuin, met een pillamp op mijn hoofd en een schaar in mijn handen! Duizenden naaktslakken, minstens 200 per nacht heb ik zonder wroeging gewoon doormidden geknipt!

Ik las het graag: verschillende ecotuiniers die jubelden omdat ze, dankzij de voorbije droge zomer dachten ze, geen naaktslakken vonden in hun tuin. Ha nee, natuurlijk niet! Ze zaten allemaal bij mij!

Komt het omdat we al twee jaar geen loopeenden meer hebben? En omdat de zijdehoentjes voorbije winter niet in de tuin gescharreld hebben maar in de kippenren bleven? In ieder geval was het evenwicht dit jaar helemaal zoek. Jonge plantjes werden ’s nachts helemaal opgevreten, coleirig werd ik ervan. 😉

Eén voordeel was er wel aan al die slakken: er kwamen ook veel egeltjes in de tuin. Op onze nachtelijke strooptochten kwamen mijn puppy en ik ze regelmatig tegen. Eigenlijk wel grappig hoe ze blazen zoals een kat als Swenga eens wil snuffelen aan hen.

Vorige maand kwam ik er zelfs eentje overdag tegen. Dé kans om eens te filmen…

Slakkenvanger, scharrelend in de tuin

Deze winter mogen de zijdehoentjes terug in de tuin lopen. Of misschien verwelkomen we nog eens een koppeltje Indische loopeenden. En dan ben ik eens benieuwd hoe het evenwicht volgend jaar zal zijn. Ik zou natuurlijk ook slakkenkorrels kunnen strooien (Escar Go van Ecostyle is niet zo schadelijk) maar ik tuinier liever zonder…

Want … zonder is gezonder!

Vlinders in de tuin

Ik weet niet hoe het bij jullie zit, maar hier zijn er zo weinig vlinders dit jaar.

Waar ik vorig jaar in augustus hier nog enorm veel blauwtjes en soorten zandoogjes kon spotten, heb ik er nu nog geen enkel gezien.

Wat ik vandaag wel kon tellen : drie atalanta’s waarvan ene met een stuk uit zijn vleugel gehapt, twee gehakkelde aurelia’s en zo’n zeven koolwitjes. De koolwitjes zullen zich dit jaar hier niet zo goed kunnen voortplanten want dankzij een slakkeninvasie staat er maar welgeteld één spruitkool in de moestuin.

Doodgewone, algemene vlinders dus maar ‘k heb toch enkele foto’s genomen om te bewaren voor het nageslacht. Stel je voor dat deze vlinders ook verdwijnen.

Dit jaar wel de eerste keer één koninginnenpage gezien in de tuin maar ondanks de massa’s Dille, Wilde Peen, Venkel en worteltjes die ik gezet heb, geen rupsen ervan. Ik blijf hopen …

klein koolwitje
Atalanta
gehakkelde aurelia

Swenga

Hier is ze dan! Onze puppy Inkululeku Swenga Mushana, dochter van stoere papa Kilimanjaro van de Pronkhoeve (Xavi) en lieve mama Inkululeku Madhuri Mushana.

Onze Inkululeku Karoo hebben we vorige zomer moeten laten inslapen na een oneerlijke ziekte die ze niet kon overwinnen. Vreselijk triestig, ik miste haar zo. We hebben een hele tijd gezocht om een hond te adopteren, maar zo simpel is dat niet, ondervonden we. En dit voorjaar kreeg ik een telefoontje van Odette dat Madhuri, de liefste hond uit haar roedel vind ik, zwanger was. Ze beloofde dat als alles goed ging, er een pupje voor mij bij was.

Er werden twee teefjes en twee reutjes geboren, een klein nestje dit keer. Toen ik dit nieuws in ons messenger groepje met de kinderen deelde, reageerde jongste zoon direct : “Shotgun teefje!” Het mooiste teefje heb ik mogen kiezen.

Het is een schatje, onze Swenga. Ze is nu bijna twee weken bij ons en ze kent haar naam al goed. Plasjes en hoopjes doet ze meestal, soms 😉 flink buiten als ik meega om te supporteren. Wel gemakkelijk zo want het opruimen met een dweil waar een puppy aan hangt, da’s niet zo handig. Ze heeft natuurlijk nog ‘puppymanieren’ en zet haar scherpe tandjes overal in. Mijn benen zien eruit alsof ik door de bramen gelopen heb en mijn handen zijn ook helemaal geschramd maar niet door de rozen te snoeien.

Ge hebt daar echt uw bezigheid mee want dat moet nog alles leren. Dus nu gaan we regelmatig op pad. Meerijden met de auto, naar de winkel, naar de markt, naar het rusthuis, in de fietskar naar het bos. Spelen met de hond van de buren. Kennismaken met de kippen en de kuikens, met de poep omhoog een bal brengen en dan heel verbaasd kijken omdat die kip daar niet wil achter lopen…

Ik ga ook naar de hondenschool met haar, 20 minuutjes leren zitten, liggen, staan, aan de voet lopen, tandjes laten bekijken, … en dan 10 minuutjes met de andere puppy’s spelen. Schattig!

Soms zou ik ze wel achter het behang willen plakken. Dweilen doe ik terwijl ze slaapt maar net als de living onder water staat wordt dat wakker natuurlijk. Dochter optrommelen om met haar een plasje te gaan doen maar gezag heeft ze er niet over. Puppy komt binnen gestoven, schuift over de natte vloer tot aan de dweil die zo leuk heen en weer beweegt en plezant dat ze dat vinden…

Maar elke dag kan ze een beetje meer. Eigenlijk is ‘t een hele slimme. En ook een brave. Ze slaapt ‘s nachts door, heeft zelfs al eens een nacht de krant volledig droog en proper gehouden. En voor ze haar eten krijgt, gaat ze beleefd zitten. Dat kan ze al zonder koekje, gewoon met het woordje ‘zit’ en de vinger omhoog.

Valt het op dat ik er al helemaal zot van ben?

Allemaal beestjes

Hemelvaartsdag begon schitterend voor mij. Ik kwam buiten gestapt en een Koninginnenpage fladderde me tegemoet. Onze grootste en mooiste inheemse vlinder.

Ik was al lang ‘jaloers’ op vele van mijn ecologische tuinvrienden als ze foto’s van deze schoonheid in hun tuin postten. Ik zag hier vorig jaar pas voor de eerste keer een ‘versleten’ exemplaar en in het najaar een prachtige rups.

En nu kwam zo’n prachtig dier zomaar naar me toe gevlogen…

Koninginnenpage

In de tuin van Veltvriendin Veerle vlogen rond de appelboom veel kleine kevertjes. We wisten niet wat voor beestjes het waren dus heeft ze het even gevraagd in de Velt-groep. Het was de kleine rode weekschildkever of het ‘soldaatje’. Dit zijn zeer nuttige diertjes, ze eten bladluizen.

In haar appelboom zaten wel wat luisjes dus wij super blij dat die beestjes er waren. Voorbeeld van een ecologische tuin in evenwicht.

Kleine rode weekschildkever of ‘soldaatje’

Zaterdagavond mocht ik met de lieve wederhelft mee naar een feestje van een klant. Het was daar warm in dat zaaltje dus alle ramen werden open gezet. Kwam daar heel log en brommend een meikever binnen gevlogen en een golf van paniek ging door de zaal.

Ik zag een stoer uitziende kerel met een moordzuchtige blik in zijn ogen en een bierglas in zijn hand in beweging komen. Gelukkig kon ik net voor hem springen en het arme diertje voorzichtig uit de gordijnen plukken. Achter mij hoorde ik hem nog roepen : “Ai! Pas op!” Ja, het beest ging mij zeker verslinden! 😉

Ik draaide me om en met mijn meest gelukzalige glimlach zei ik : ” ’t Is ne meikever.” Ge moest diene mens zijn gezicht gezien hebben…

Voorzichtig heb ik de onfortuinlijke kever buiten gezet.

Meikever (niet op mijn hand, de foto die ze ervan namen, is niet zo goed gelukt)

Nog beestjes die we deze week gezien hebben : puppy’s! Eén van die twee kleine schatjes wordt de onze. Meer foto’s en info vind je hier. Ik mis het hier, een hond op den hof, nu ons lieve Karoo al bijna een jaar gestorven is.

Vanaf 22 juni is er hier terug jong leven in huis. De lieve wederhelft ziet het niet helemaal zitten maar heeft me toch ‘mijn goesting’ gegeven. Mijn verdriet over ons Karoo en het feit dat ik zo veel alleen thuis ben, heeft hem toch over de streep getrokken.

Zo stond er onlangs, plots in het midden van mijn tuin (ik zat op mijn hurkje te wieden en zette me even recht) de meest beruchte vergif spuitende tuinier van ons dorp vlak voor mijn neus! Wat mistte ik toen mijn stoere vriendin met haar trouwe hondenogen die me steeds door dik en dun verdedigde…

Rhodesian Ridgeback puppy’s

Maar de allerleukste beestjes dit weekend waren ‘haantje Frans met zijn kiekens’! We deden in zijn tuin mee met de Ecotuindagen van Velt en hebben ons enorm geamuseerd. Het weer was prachtig en we mochten 327 bezoekers verwelkomen.

haantje Frans met zijn kiekens…

Gefopt!

Ik had het zo gehad met haar! Ze hing mijn voeten uit, niet te doen!

Zij is een krielkipje waar ik hier al over vertelde. Al vanalles had ik gedaan om haar in het kippenhok te houden : vleugel geknipt, gaten in de afsluiting dicht gemaakt, muurtjes verplaatst, … Als een echte Houdini kwam ze me elke ochtend over het gazon tegemoet getrippeld. Grr!

Zondag waren de buren op bezoek met Basil, hun bijna tweejarige Labrador. Hij komt heel graag bij ons. Zijn baasjes hebben een kleine tuin en bij ons mag hij zich steeds uitleven. Toen hij dat krielkipje ontdekte, kon zijn plezier natuurlijk niet op. Zij vond het minder leuk en krijste de hele buurt bij elkaar. Zo erg dat Basil zelfs niet meer durfde happen naar haar. Hilarisch! Haar uit haar benarde positie bevrijd, hopend dat ze nu wel zou geleerd zijn.

Ja tereire! Nog geen dag is ze in ’t kippenhok gebleven. Maandagavond stond ik mijn aardappelen te schillen toen ik haar weer door mijn borders zag struinen. De mulch en jonge plantjes vlogen rond haar oren. Toeme toch, wat moest ik toch met dat beest?!

Ik had die dag de buren wat geholpen in hun tuin. Er is een stukje dat ze opnieuw willen aanleggen (plezant!) maar daar staat nog wel wat onkruid.

En toen kreeg ik een ingeving! Ik heb een rennetje met de wanden en dak in kippengaas, dus zonder bodem. Als we dat in hun tuin zouden zetten, daar waar er nog gewied moet worden, bleef ze uit mijn borders en kon ze daar wat krabben. Buurman zag dat direct helemaal zitten. Zo moest hij niet meer op zijn knieën rondkruipen.

En zo deden we het. Nu is madame gefopt. En ik, ik ga een leasingmaatschappij … in kippen beginnen, denk ik. Volgende week komt de sukkel wel terug naar huis hoor, weer bij haar vriendinnen.

Verwachting…

Zoals een roos de bloem van de liefde is, zo zijn anemonen die van de verwachting.

Sinds eind februari en nu nog steeds staan de blauwe anemoontjes hier in de tuin te bloeien. Drie jaar geleden kocht ik enkele knolletjes Anemone blanda en ‘k heb me dat nog niet beklaagd. Elk jaar komen ze overvloediger terug. Ze zaaien zich zelfs uit. Anemone blanda is een margrietachtig bloemetje in lavendelblauw of wit. Ze kondigen de lente aan.

Wat me ook verwachtingsvol en content maakt, is de terugkomst van de metselbijen in onze insectenhotelletjes. Er zijn heel veel soorten, maar de allereerste die na de winter tevoorschijn komen, zijn de gehoornde metselbijen. Al twijfel ik of deze geen rosse metselbijen zijn. ’t Zijn in ieder geval heel rustige, vredelievende bijen. Er landde er ééntje op mijn neus terwijl ik probeerde foto’s te nemen (ja, dat krijg je als je uw neus in andermans zaken steekt) maar prikken, dat deed ie niet. Ze zijn heel belangrijk voor de bestuiving van planten dus ik koester ze.

Wat de liefde en verwachting betreft, ik heb hier vandaag nog een jong koppeltje betrapt. Achter een hoopje stenen dat ik wilde opruimen omdat één van mijn krielkipjes daar steeds op sprong en dan over de draad vloog. In de winter mag ze wel in de hele tuin scharrelen op zoek naar slakkeneitjes. Maar nu er jonge zaailingen opkomen, houd ik haar liever in het kippenhok.

Achter dat hoopje stenen lag ook een dakpan en daar zat Julia met haar Romeo op haar rug. ‘k Heb ze stilletjes laten zitten. Binnenkort kruipen deze schattige padden wel naar de poel. Daar zal Julia haar eitjes in lange snoeren afzetten en Romeo die nog steeds op haar rug zit zal ze uitwendig bevruchten.

Ook de buurman wilde zijn zaadjes kwijt. We ruilden sla, boontjes, broccoli en nog verschillende soorten groentezaden. Ook in de moestuin verwachten we dus weer vanalles. Laat de lente maar komen…

Mijn duifje…

Het was vorig jaar, 3 juni, op mijn verjaardag dat ze er ineens was. Het was de zondag van het ecotuinenweekend van Velt en wij hadden een hele dag met onze afdeling tuinen bezocht. Een plezante verjaardag!

’s Avonds zaten we met de familie op het terras taart te eten toen ze plompverloren aangetrippeld kwam. We zagen dat ze een ringetje droeg en dus een verloren gevlogen duifje was. Op het bordje kippenvoer dat ik voor haar neerzette, kwam ze direct af. Maar pakken kon ik haar niet. Ze vloog steeds op.

Maar ze bleef wel in de buurt. De volgende dagen, als ik de kippen hun graantjes bracht, was ze er ook steeds. De kippen waren er eerst niet content mee maar het beestje slaagde er toch telkens in om haar graantje mee te pikken.

En toen lukte het wel om haar vast te grijpen. Wat ik gedacht had, werd bevestigd : het was een verloren gevlogen, jong duifje van een duivenmelker. De stempel in haar vleugel was echter onleesbaar geworden. En met haar naar het duivenmelkerslokaal in het dorp trekken, daar had ik niet echt goesting voor.

Van mij mocht ze blijven, eten en drinken genoeg in onze tuin. En als zo’n duif al van in ’t begin verloren vliegt, is ze voor een duivenmelker waarschijnlijk toch niks waard.

En ze bleef! Elke ochtend als ik buitenkwam, kwam ze aangevlogen. Ze wist het heel snel dat ik diegene ben die eten geeft aan de kippen. Als ik daar wat mee talm, vliegt ze enkele keren rond mijn hoofd en toont dan de weg naar het kippenhok. Als ik in het weekend wat langer binnen blijf, komt ze op het terras rondtrippelen en naar binnen turen. Als ze me ziet, kijkt ze me aan, zo met een scheef kopke en zie ik haar denken : “Awel jong, waar blijft ge?” Mijn huisgenoten hebben dan veel plezier.

Ze heeft zelfs het vuurwerk met oudjaar overal in de buurt overleefd en eigenlijk is ze nu een dikke duif geworden. De kippen vinden haar allang geen vreemde eend in de bijt meer en zijn het gewoon dat ze er is. Waar ze slaapt, dat weet ik niet. En of ze in het nieuwe jaar een lief zal vinden, dat is ook nog een vraag.

Mijn duifje hoort er in ieder geval bij en iedereen hier vindt haar grappig en hopelijk blijft ze nog heel lang bij ons …