Ik heb deze maand terug eens een beetje gewerkt in deze border. Een heel uur lang! Voor een oppervlakte van 16 op 3 meter is dat toch geen hard labeur he? Ben eens rondgeweest met mijn ‘schupje’ om wat kruipende boterbloem uit te steken. En heb de rand van het gazon wat bijgewerkt. Onkruidgroei heb ik hier bijna niet. Ik houd de bodem zoveel mogelijk bedekt met snippers van de vaste planten na de winter. Dat is ook veel mooier dan een blote grond. Binnenkort zijn de planten dan terug zo gegroeid, dat de bodem vanzelf bedekt wordt. Geen plaats voor onkruid om te kiemen dus.
Wie zei daar dat je zonder Round Up uren op je knieën moet zitten wieden? Daar lach ik mee hoor!

Tijd om te genieten dus. Vergeleken met vorige maand, is het hier al veel groener. Ik verschiet ervan dat de pol Schildpadbloem, Chelone obliqua al zo uitgebreid is. Die staat hier duidelijk met zijn goesting. Zal er eens een stuk van aan de buren geven, zij vinden die ook mooi. De herfstanemonen, daar kan ik ook van delen. Ik kreeg ze ooit van een veltvriend. De juiste naam gaf hij er niet bij, ik denk dat het Anemone tomentosa ‘Robustissima’ is. De pioenen in het midden staan er ook gezond bij.

De Camassia staat mooi in bloem nu. Camassia is eigenlijk een bolgewas afkomstig uit Noord-Amerika. De bollen dienden vroeger als voedsel voor de Indianen. Ik kocht enkele jaren geleden drie plantjes bij Ecoflora. Daar heb ik nog geen spijt van gehad. Want ondertussen heb ik een grote pol vol blauwe bloemen.

Ook het Longkruid bloeit. Eigenlijk een onopvallend bloemeke, maar zo waardevol. Bijen zijn er verzot op.

Het blad van de Vrouwenmantel staat ook al frisgroen. Ik vind het een mooie bodembedekker met zijn zacht behaard blad waar de dauwdruppels zo mooi blijven op liggen. Volgende maand komen de bloemen, groengele pluimpjes.
De damastbloem (Hesperis matronalis) belooft ook al veel moois. Die gedraagt zich hier als tweejarige. Ik laat hem uitzaaien en zo heb ik hem elk jaar wel ergens anders in de border. Hij verweeft de andere bloemen met elkaar, brengt kleur en vooral geur. Ik kijk al uit naar volgende maand. Als je dan ’s avonds door de tuin wandelt, mmmm…

( Viburnum tinus, wintergroene soort, niet gevoelig voor bladluis)
Het bosanemoontje ( anemone nemorosa) is een lage vaste plant uit de ranonkelfamilie. Het heeft lieve, witte bloempjes en bloeit tussen maart en mei. Heel kenmerkend is de wortelstok met witte knoppen erop juist onder het grondoppervlak. Het plantje is niet zomaar tevreden met zomaar elke tuingrond. Het groeit graag op een losse, voedselrijke bodem die winternat is, vooral in bos en onder bladverliezende struiken. In het hallerbos (van de bekende blauwe boshyacinten) vind je ze nu in overvloed. Ik heb ze bij ons in de tuin aan de rand van ons vogelboske, onder de struiken gezet en elk jaar krijg ik er meer en meer. Het plantje groeit aan dankzij zijn kruipende wortelstok. Maar ook mieren zouden helpen bij de verspreiding. De zaden hebben een mierenbroodje waar ze verzot op zijn. De noeste werkertjes zeulen de zaden mee, morsen wat onderweg en een nieuw plantje kan ontstaan. Toch prachtig he!
Speenkruid (Ficaria verna of Ranunculus Ficaria) is ook zo’n tof vast plantje uit de ranonkelfamilie. Het is een laagblijvend plantje, niet hoger dan 5 cm met boterbloemgele bloempjes. Deze groeit liever in de zon of lichte schaduw en ook op vochtige, humeuze grond. De wortelstokken zijn knotsvormig verdikt, de zogenaamde speentjes. Dit zijn reserveorganen waaruit het volgende jaar de nieuwe planten ontstaan. Er is ook een ongeslachtelijke voortplanting door okselknolletjes die vooral na de bloei in de oksels van de bladstelen zitten. Speenkruid kan veel voedsel opslaan en zo de planten in de buurt benadelen. Daarom wordt het door sommigen als onkruid beschouwd. Alle soorten kolen doen het naast dit plantje niet goed. Het bloeit van maart tot april en verdwijnt daarna terug onder de grond.