Actieve Hoop

Soms is het donker en moeilijk en durf ik al eens de moed te verliezen. Dan doet een boek als dit van Joanna Macy en Chris Johnstone deugd.

Joanna Macy is een 94-jarige Amerikaanse dame. Ze is milieuactivist, auteur van twaalf boeken en wetenschapper op het gebied van boeddhisme, algemene systeemtheorie en ecologie. Ze organiseert sinds 1970 wereldwijd workshops en heeft ondertussen vele volgers die haar werk verderzetten. Een inspirerende madam, vind ik.

Wat is Actieve Hoop?

Het gaat hier niet over hoop ‘hebben’ op iets. Maar over iets ‘doen’. Verlangen om iets te bereiken en ook al is het niet zeker dat het zal lukken, daar toch alles voor doen. Zo’n doel waar je acties op afstemt, geeft zin aan het leven. En ook al boek je niet direct resultaat, het voelt toch goed. Want de weg ernaartoe geeft energie. Zeker als je merkt dat er toch wel veel gelijkgestemden zijn. Ik begrijp helemaal wat ze bedoelt. Bij het lezen van dit boek, heb ik regelmatig zitten mijmeren. Het is waar dat ik gelukkig word van de (kleine) acties die ik neem voor onze planeet en de mensen die ik daardoor leer kennen.

Drie verhalen uit onze tijd

1.Business as usual: Onze manier van leven, moet niet veranderen. Groei-economie is essentieel.

2.De Grote Ontrafeling: Er zijn sociale en ecologische systemen aan het kapot gaan. Er wordt haat gepredikt, er zijn oorlogen, politiekers liegen, …

Die haat, oorlogen en liegende politiekers zijn nodig om onze groei-economie te kunnen behouden. Hard tegen hard om rijk te worden of te blijven. De wereld wordt zeer rechts. Wat er in Nederland gebeurde, staat hier ook in de verkiezingspeilingen. Die ene partij zal waarschijnlijk verpletterend winnen bij de volgende verkiezingen. Als zo’n mensen aan de macht komen, zal de Grote Ontrafeling nog sneller gaan. (Hitler is ook democratisch verkozen)

3.De Grote Ommekeer: Dit verhaal is een andere weg vooruit. De sociale en ecologische structuur van de wereld wordt verdedigd en er is activisme vóór het leven. Er zijn al zeer vele maar kleine initiatieven hiervan. Ze zijn ook verspreid. Bijvoorbeeld: coöperatieven voor hernieuwbare energie, CSA’s, lokaal geld, natuurverenigingen, enzovoort.

Doel:

Evolueren van een industriële groeisamenleving naar een levensondersteunende samenleving. Dit is een serieuze revolutie. Eigenlijk even allesomvattend als de landbouwrevolutie tienduizend jaar geleden en de industriële revolutie van 300 jaar geleden. Het is nog niet duidelijk of dit ons zal lukken. Blijven we in ‘business as usual’ en maken we elkaar en onze planeet kapot? Of gaan we het beste in de mensheid naar boven laten komen?

Hoe dit bereiken?

Door het ‘Werk dat weer verbindt’. Dit is een samenwerkingsmodel dat kracht geeft. Het is eind jaren ’70 ontwikkeld door Joanna Macy en wordt gebruikt in alle continenten op onze planeet. Honderdduizenden mensen van verschillende godsdiensten, met verschillende talen en van verschillende leeftijden kennen het. Ik had er al over horen vertellen door een collega in de zorg.

Je krijgt dankzij deze methode inspiratie en kracht om tot een hogere ecologische intelligentie te komen. Dit klinkt wel zeer mysterieus vond ik. Tot ik enkele voorbeelden las. Neem nu het begrip ‘tijd’. In de geïndustrialiseerde wereld denken we op de korte termijn. Alles moet steeds sneller om elk jaar meer te kunnen produceren, dus winst te maken. Ons doel is groeien. Daarvoor besparen we op veiligheid, sociale verantwoordelijkheid en regelgevende zaken. Besluitvorming op bedrijfs- en regeringsniveau gebeurt voor enkele jaren. Met de rest wordt geen rekening gehouden. Da’s voor daarachter, zou mijn schoonvader zeggen. Fossiele brandstoffen en afgeleiden (bv. plastic) zijn belachelijk goedkoop omdat we de kosten voor de toekomst niet meerekenen. Die schuiven we gewoon door. Ocharme onze kinderen! Eigenlijk is de grootste misdaad tegen hen de productie van nucleair afval. Het is onzichtbaar en het duurt miljoenen jaren eer het afgebroken raakt. Maar we hebben geen langetermijnoplossing voor veilige opslag. De betonnen bunkers of stalen vaten waar het in bewaard wordt, hebben maar een levensduur van max 100 jaar. De eerste kerncentrales werden in gebruik genomen in de jaren ’50 in Rusland, vertelt meneer Google me. Het kernafval daarvan is dus al langer dan 70 jaar opgeslagen. Wat gaan we binnenkort daarmee doen? Beleidsmakers zijn eigenlijk brandweerlui. Ze blussen branden.

Eigenlijk moet dit anders. We moeten terug zoals bepaalde inheemse volkeren gaan denken. Als zij vergaderen, vragen zij zich af wat de invloed zal zijn van hun beslissingen op de zevende generatie na hen. Zij hebben het gevoel tot een familie te behoren. Voorouders vinden ze belangrijk. En ook voor kinderen, kleinkinderen, achterkleinkinderen, … willen zij zorg dragen. Wij zijn dat kwijt, zijn zeer individualistisch en gemakzuchtig geworden. Het is zoals uit een vliegtuig springen zonder parachute, erop vertrouwend dat we onderweg, voordat we landen, wel een oplossing zullen vinden om niet te pletter te slaan.

‘Het Werk dat weer Verbindt’ wil mensen onder andere leren om in een ander tijdsbestek te leven. Ook in Vlaanderen worden er workshops en lezingen aangeboden: https://actievehoop.be/

Brief uit de toekomst

Brief uit de toekomst

Deze week zat er een *brief in onze brievenbus uit het jaar 2388 en ik wil die graag hier delen. Er werd me gezegd mijn antwoorden gewoon onder de vragen te zetten. Ergens naartoe sturen moest niet. Ze zouden het zo wel ontvangen. Graag wil ik van dit stukje een **stokje maken.

**Een stokje is een stukje tekst of vragen die lezers mogen opnemen en hun eigen antwoorden erop publiceren. Dit is/was populair onder bloggers. Wie neemt dit stokje op?

Lieve voorouder,

Ik hoor verhalen over de periode waarin jij leeft, over oorlogen en oorlogsvoorbereidingen, over een paar mensen die absurd rijk zijn, terwijl zeer veel mensen verhongeren en dakloos zijn, over vergif in de zeeën en de bodem en de lucht, en over het uitsterven van veel soorten. Wij ervaren nu nog altijd de gevolgen van dat alles. Wat weet jij hierover? En hoe is het voor jou om met deze wetenschap te leven?

Lieve toekomstige wezens,

Ik ben een beetje overdonderd door jullie vraag. Nee, eigenlijk ben ik er echt niet goed van! In 3088 zou ik 219 jaar oud zijn en ik ben het niet gewoon om zo ver vooruit te denken. Ik weet dat wij echt niet goed bezig zijn en ik voel me daar dikwijls schuldig over. Als ik eraan denk dat onze kinderen misschien ook wel kinderen willen, krijg ik het benauwd. Want als wij in ‘business as usual’ gaan blijven steken, komen zij in een onleefbare wereld terecht. Op teveel plaatsen op onze planeet is het al zover.

Ik voel me ook redelijk machteloos en klein hierover. Op moeilijke dagen zeg ik dan ‘foert’ en neem de auto omdat het pijpenstelen regent ook al moet ik maar twee kilometer verder. En ja, ik schaam me daar dan wel over. Maar wat haalt het uit als Poetin, Zelenski, Netanyahu en Hamas nog veel ergere dingen doen? Ik snap ook dat het systeem waar we in zitten ons niet gaat vooruit helpen. Politiek is te stroef en duurt te lang. Er moet over alles gepalaverd en gestemd worden. Als iemand niet akkoord is over een wetsvoorstel gaat het naar de Raad van State en actie blijft dus uit. Als akkoorden bereikt worden, zijn die meestal zo verzwakt omdat men met iedereen rekening gehouden heeft. Ook diegenen die handelen uit eigenbelang of het belang van zijn kiezers. Ik leerde dat politiekers eigenlijk zouden moeten op lange termijn denken. Onze leiders denken tot aan de volgende verkiezingen. Ze stoppen nucleair afval dat 100 000den tot 100 miljoen jaren nodig heeft om te halveren, in beton en stalen vaten die na 100 jaar poreus geworden zijn. We hébben gewoon geen veilige opslag. De wetenschap zal wel evolueren, denken ze. En we zullen oplossingen vinden voor dat probleem. Dat is toch zoals uit een vliegtuig springen zonder parachute en erop vertrouwen dat we onderweg wel iets vinden? Als we nu iets beslissen, wat zal de invloed daarvan zijn op hen die 7 generaties na ons komen? Ik denk dat we deze gedachtegang terug gaan moeten leren.

Voorouder,

Wij hebben liederen en verhalen die vertellen over wat jij en je vrienden toen voor de Grote Ommekeer gedaan hebben, maar ze vertellen ons niet hoe jullie daarmee begonnen zijn. Je moet je soms wel eenzaam en verward gevoeld hebben, vooral in het begin. Wat was een aantal eerste stappen die je gezet hebt?

Dag toekomstige wezens,

Mijn eerste stappen waren: lid worden van Natuurpunt en Velt. Zo kon ik leren over onze planeet en zijn dieren en planten. Ik werd gelukkig toen ik de rijkdom van de biodiversiteit ontdekte. Wat we nu nog hebben, wil ik graag beschermen. Daarom vertel ik erover tegen mensen. Via mijn tuin en blog, het boek ‘Onze Aarde Vieren’ en het project Tuinrangers. Ik weet dat dit maar kleine stapjes zijn.

En ja, eenzaam en verward voel ik me soms wel. Vooral als ik bij mensen ben die hier allemaal niet over nadenken en vooral naar hun eigen gemak kijken. Hoe komt dat toch? Zeker als zij eigen kinderen en kleinkinderen hebben, snap ik dat niet.

Voorouder,

Ik weet dat je het niet gelaten hebt bij die eerste acties voor het leven op aarde. Waar heb je de kracht gevonden om zo hard te blijven werken, ondanks alle obstakels en ontmoediging?

Zeg toekomstige wezens,

Nu maken jullie me wel benieuwd! Welke acties ga ik dan nog doen? Ik denk dat ik de kracht haal uit het besef dat ik bijlange niet alleen ben. Ik ben al heel veel mensen tegengekomen die de wereld willen verbeteren. Met sommigen heb ik een heel innig vriendschappelijk contact. Maar er zijn er ook die ik gewoon ‘volg’ op sociale media. Kleine berichtjes die we naar elkaar sturen, geven me dan een gevoel van verbinding. Die kleine, snelle acties van onderuit gaan ons zelfverwoestend systeem ontwrichten, hoop ik. Daar mee deel van mogen uitmaken, geeft me die kracht. Deze brief die ik van jullie kreeg, vind ik heel tof. Ik hoop dat veel mensen hier ook eens willen over nadenken.

*De vragen in de brief komen uit het boek ‘Actieve hoop’ van Joanna Macy & Chris Johnstone. Een prachtig boek, vind ik. In deze uitdagende tijden is onze belangrijkste opdracht ervoor zorgen dat het leven verder gaat. ‘Actieve hoop’ laat zien dat we ons niet zo machteloos moeten voelen. Maar dat we ondanks onze kleinheid toch wezenlijke bijdragen kunnen leveren.

De Buxusmot

De Buxusmot

Een tijdje geleden kreeg ik de kans om met een politieker over de tuin te praten. Hij vertelde over zijn majestueuze buxustuin en toonde foto’s van een domein dat me deed denken aan de tuinen van Versailles.

Ik viel om van verbazing. Die tuin was groot en nauwgezet onderhouden, minutieus geschoren en alles in de plooi. “Wow!” zei ik, “En hoe houd je de Buxusmot daaruit?” Zonder blikken of blozen antwoordde hij dat hij daarvoor wel ‘moet’ spuiten. “Allee jong, doet gij dat nog?!” riep ik uit.

Ik vertelde hem dat dit echt niet de juiste methode is om van plaaginsecten af te raken. Door te sproeien, doden we zwakke exemplaren. Maar er zijn er altijd die het redden omdat ze aangeboren sterker zijn. Als zij met elkaar paren, krijgen we door overerving alleen nog sterke insecten die op den duur immuun zijn voor vergif. Zo blijven we bezig natuurlijk. Tot we alle soorten vergiftigd hebben en alleen de plaaginsecten nog overblijven. (Daar zijn we momenteel naartoe aan ’t gaan.)

Een vriendin die ons zag discussiëren, mengde zich in het gesprek. Ze vertelde hem dat hij naast de buxusmot ook andere insecten doodt en zelfs vogels. Zij nemen de vergiftigde rupsen mee naar hun nest, voeden ze aan hun jongen en die sterven. “Neenee” zei hij. “Op mijn Buxus zitten geen andere insecten en vogels komen daar niet naartoe. Ik spuit alleen tegen de Buxusrupsen.”

“Je kan ook iets anders dan Buxus in de plaats zetten” opperde ik dan. Maar dat kon onder geen enkel beding. De Buxus stond daar al tientallen jaren en was zijn grote trots, die kon echt niet weg. Dat snapte ik ergens wel. Dus vertelde ik hem: “Je hebt nu een plantje, Ilex crenata, dat je niet kan onderscheiden van Buxus maar het is veel sterker. Je moet dat niet sproeien. Dat is zelfs veel goedkoper want al dat vergif kost toch enorm veel geld” probeerde ik nog. Maar meneer had zich al helemaal afgesloten. Toeme toch!

De week daarna kwam ik als Tuinranger in een prachtige, zeer verscheiden tuin. Er was ook een formeel tuinkamertje met een rustbank onder een oude knotwilg en buxushaagjes rond witte rozen. Dus hier stelde ik weer de vraag hoe de eigenaars de Buxusmot eruit hielden. “Dit is geen Buxus.” zei de man des huizes. Het is Ilex crenata. Ik had het écht niet gezien! Vijf jaar geleden hadden ze alle Buxus eruit gegooid en vervangen door deze Ilex. Prachtig!

Ik moest weer denken aan de politieker met zijn oogkleppen op. Hoe erg het toch is dat zo iemand een bestuurlijke functie kan krijgen! Dat die zich niet meer moet informeren over zaken die belangrijk zijn! En hoe het toch kan dat we van dat chemisch vergif niet af geraken. Ondanks alle kankers en neurologische ziektes die mensen krijgen.

Ik heb het beroemde boek ‘Silent spring’ van Rachel Carson gelezen. In één van de laatste hoofdstukken schreef ze waarom de strijd tegen chemisch vergif nog heel zwaar zal zijn. We weten nochtans dat biologische bestrijding tegen plaaginsecten uiteindelijk veel beter is. Belagers helpen om plagen te bestrijden, dat blijft tenminste duren. Het evenwicht zoeken in ‘the circle of life’, dat werkt voor alles. Maar onderzoek daarnaar wordt bijlange niet zo goed betaald. Grote chemische bedrijven financieren universiteiten om onderzoek te doen naar pesticiden. Dat levert dikke studiebeurzen op. Het is begrijpelijk dat sommige entomologen (insectenkenners) zeggen dat insecticiden geen kwaad kunnen, als je weet dat hun studies en loopbaan gefinancierd worden door de chemische industrie. Wie betaalt, die bepaalt. Mogen we dan wel waarde hechten aan hun mening dat pesticiden niet zo’n kwaad kunnen, als we weten dat ze zo partijdig zijn? Ik vertrouw dat voor geen haar, eerlijk gezegd! En wat die ene politieker betreft, ik ga zeker niet op hem stemmen!!!

Mmm, chocolade…

Gisteren was het Fair Trade dag in de Oxfam wereldwinkel in Londerzeel.

Wij gaan daar graag shoppen. De vrijwilligers die er werken, zijn allemaal zo’n toffe mensen. En hun winkelruimte is steeds zo gezellig ingericht. Boeken, kaartjes, juwelen, sjaals, sokken, servies, speelgoed, verzorgingsproducten, … je vindt daar vanalles. De lieve wederhelft koopt daar de over(h)eerlijke koffie voor zijn klanten op kantoor. Dochterlief vond een prachtige handtas (die we gaan delen 😉 ). En ik ben stapelzot van hun chocolade.

We werden ontvangen met een drankje en stukje cake. Aan een appetijtelijk uitziende chocoladestand mochten we eens draaien aan het rad. En toen kregen we de uitleg waarom fair trade chocolade echt heel belangrijk is. Oxfam heeft sinds 2018 de eerlijke, duurzame en feministische ‘Bite to Fight’ chocolade. Waarom?

° Om slavernij en kinderarbeid uit de wereld te helpen. Ik eet heel graag ‘Mars’. Maar sinds ik weet dat daarvoor een kind op het veld moet werken in plaats van naar school te gaan, smaakt mij dat niet meer. Ik stel me dan voor dat de kleinkinderen van de buurvrouw op dat veld staan. Die moeten toch met de legoblokken spelen?!

° Om te helpen in de strijd tegen de klimaatcrisis. Gangbare cacaobedrijven ontbossen het regenwoud om cacaoplantages aan te leggen. Omdat het tegenwoordig zo droog is, gaan die plantages nu snel kapot en moet er opnieuw ontbost worden. Weer die vicieuze cirkel he. Dankzij ‘Bite to Fight’ krijgen boer(inn)en opleidingen en ondersteuning om hun planten te beschermen op een duurzame manier. Want de klimaatcrisis bedreigt het voortbestaan van de cacaoteelt. Dan zou er geen chocolade meer zijn!

Die uitleg hakte erin. De lieve wederhelft beloofde prompt dat hij zijn Dessert 58 Côte-d’or reep gaat vervangen door de overheerlijke melkchocolade met karamel en zeezout van ‘Bite to Fight’. Die van Tony Chocolonely eet ik al langer en is ook overheerlijk.

Wisten jullie al dat een stukje chocolade soms niet zo onschuldig is?

De kafferlelie en de heidelibel

De kafferlelie en de heidelibel

Een stralende zondagmiddag in oktober. De hemel kleurt helderblauw en de zon geeft nog enorm veel warmte. Klimaatopwarming is niet steeds kommer en kwel. Deze morgen had ik gezien dat de kafferlelies bloemen hadden. Dus een tuinsafari drong zich op. Sinds ik Tuinranger ben, benoem ik mijn gelummel en genieten in de tuin als safari. 😉

Op mijn hurkje, met mijn gsm in de aanslag, zit ik aan de vijver om een foto te nemen van de bloemen. Schizostylis coccinea ‘Mrs Hegarty’ is de naam van de variëteit. Ik kocht haar vorig jaar bij Lievesgarden ten voordele van Oekraïne.

Vanuit mijn ooghoeken zie ik een libel foerageren boven het water van de vijver. Nee, deze keer ging ik haar niét voor mijn lens proberen te krijgen. Ik ging niét ‘Tom en Jerry’ spelen en ik ging niét bijna in het water vallen. Mijn aandacht was op de bloem gericht.

Maar daar was dat ijdel beest het niet mee eens. Heel gracieus landde ze op mijn hand. Het was een bruinrode heidelibel. Verbaasd keek ik haar aan en draaide mijn hoofd een beetje. Zij draaide haar kopje ook. Ik draaide mijn hoofd naar de andere kant en zij deed hetzelfde. We bleven een tijdje naar elkaar kijken en met onze hoofden draaien. Had ik nu contact met een libel?! 🙂

Dan maar mijn camera (gewoon van de gsm he, maar camera ‘schrijft’ mooier) in de andere hand genomen en enkele plaatjes van haar geschoten. Daar was het haar om te doen. Rustig steeg ze weer op, cirkelde even rond mijn hoofd en vloog terug naar het water.

Safari in de tuin, ge moet dat echt eens doen!

Glyfosaat … saat …saat

Eigenlijk is het hier super druk omdat ik weer met vanalles tegelijk bezig ben. Dus ik ging effe niet schrijven. Maar een mailtje van Loes doet me besluiten toch snel iets te delen.

Waarschijnlijk weet je wel dat de Europese erkenning van glyfosaat, ’s werelds meest gebruikte onkruidverdelger, afloopt op 15 december 2023? Elke lidstaat moet tegen dan beslissen of het voor of tegen een verlenging van het gebruik van glyfosaat is. Heel wat studies tonen aan dat glyfosaat heel schadelijk is voor het milieu en waarschijnlijk kankerverwekkend voor de mens. In Frankrijk wordt Parkinson erkend als beroepsziekte als je met glyfosaat moet werken.

En zeg nu zelf: het is toch heel tegenstrijdig dat we geen glyfosaat meer op onze oprit mogen spuiten omdat het te schadelijk is. Maar op ons bord mag het wel nog liggen. Deuh?! Ik word daar kwaad van. Jij ook?

Hier het mailtje dat Loes me doorstuurde:

Hallo allen,

ik kreeg volgend bericht binnen van ‘Voedsel Anders’:

Laat je stem horen tegen glyfosaat!

Op 6 oktober neemt België een standpunt in over het verbod op #glyfosaat. Het feit dat zowel gezondheids- als milieuorganisaties actie voeren tegen de stof, is veelzeggend. Dit is géén ver-van-ons-bed-show: glyfosaat is nu al wijdverspreid in onze bodems en wateren. Laten we samen de verdere verspreiding tegengaan!
We ondertekenden de brief aan minister David Clarinval, Zakia Khattabi en Frank Vandenbroucke. Laat hier zelf je stem horen! 

Stuur een e-mail naar jouw minister – Zeg nee tegen glyfosaat! | Doe het zonder

Nederlanders en Belgen kunnen een email versturen naar hun desbetreffende ministers. Wees snel, want op 6 oktober moet al een standpunt ingenomen worden. Hoe meer emails onze ministers krijgen, hoe beter ;o).

Ik heb natuurlijk al een hele tijd geleden gemaild. Laten jullie ook jullie stem horen voor vrijdag? Please? 🙂

Laureaat van verdienste

Als jullie zich afvragen hoe je hier terecht gekomen bent, (dat vroegen we ons inderdaad af), we hebben via het informatieblad aan de burgers gevraagd om speciale personen te nomineren. Dat kwam wel effe binnen.

Daar zaten we dan vrijdagavond, Karen en ik, genomineerd als laureaat van verdienste 2022 voor de gemeente Londerzeel omdat we ‘Onze Aarde Vieren‘ geschreven hebben. Naast Bert Brugghemans, overheidsmanager van het jaar 2021, de Vaandeldragers van Londerzeel, twee andere schrijvers en de broers die Gin 1840 stookten, mochten we lovende woorden ontvangen van de burgemeester en schepenen van onze gemeente.

We kregen ook letterlijk een pluim, zelf ontworpen en gemaakt in Londerlab met gerecycleerde materialen. Ik vind het een prachtige trofee en ben er super blij mee.

Ook een prachtig boeket bloemen kregen we. Maar …

Eind juni was de uitnodiging gekomen. Er zat ook een persoonlijke vragenlijst bij waarin we wat meer over onszelf moesten vertellen. De lieve wederhelft was me aan het plagen: “Ge gaat heel waarschijnlijk ‘vergifbloemen’ krijgen. Hoe ga je dat nu oplossen?”

Iedereen die me een beetje kent, weet dat ik echt niet graag een boeket bloemen uit de gangbare teelt krijg. Die zitten vol pesticidenresidu’s (lees zeker dit eens) en ik zet dat dus niet graag in huis. En zeker niet op het terras want dan vergiftig ik de bijen die er zouden op af komen. En waar moet je daarmee naartoe als ze uitgebloeid zijn? Op mijn composthoop wil ik dat vergif niet gooien. Eigenlijk moeten die naar het recyclagepark, bij het KGA (klein gevaarlijk afval).

Mensen die me doorgronden, geven dus gelukkig geen bloemen meer. Ik kan oeverloos gelukkig worden als ze in plaats daarvan afkomen met een vogelhuisje of insectenhotelletje. Dit voorjaar kreeg ik zelfs van vrienden plantpatatten en zaden ipv bloemen. Origineel, warm en hilarisch is dat toch he? Ondertussen zijn er zelfs enorm veel mogelijkheden om ecologisch geteelde bloemen te kopen. Zelfs in onze eigen gemeente.

Maar de lieve wederhelft kon wel eens gelijk hebben: de gemeente kent me niet dus die ‘vergifbloemen’ zouden wel eens mijn deel kunnen worden. Daarom deed ik in de vragenlijst nog een kleine toevoeging:

1.       Hieronder kan u vrij nog enkele persoonlijke toevoegingen doen.
We vinden het super tof dat we gaan ‘in de bloemetjes gezet worden’. Cfr: https://www.hln.be/londerzeel/inhaalbeweging-viering-laureaten-verdienste-van-het-jaar~a8bf4de4/
Toch willen we, als ‘ambassadeurs’ van klimaat en milieu, hier graag een kanttekening bij zetten. Wij hopen dat jullie bij het selecteren van de attenties rekening houden met het duurzame en ecologisch karakter ervan, bloemen uit de gangbare teelt bevatten immers massa’s pesticiden.
Wij zijn zeer vereerd en totaal verrast dat we als Laureaat van verdienste 2022 verkozen zijn! Veel dank aan gemeente Londerzeel hiervoor!

Maar ze hebben het niet goed gelezen.

Een gekregen paard mag je echter niet in de bek kijken. Ik heb het ‘vergiftigd geschenk’ dus aangenomen. Vandaag voelt de dag van gisteren dubbel. Ik ben echt heel dankbaar voor de erkenning. Maar ergens ben ik ook verdrietig. Er is nog heel veel werk om het tij te keren en mensen te doen inzien dat het niet normaal is dat we pesticidencocktails als geschenk aan elkaar geven. Heb jij daar eigenlijk al bij stilgestaan?

Seniorenuitstapje

Heel voorzichtig en op haar kousenvoeten stuurde de seniorenconsulente van de flatjes naast ons woonzorgcentrum een berichtje. Elk jaar doen ze in de zomer een uitstap: gaan bowlen, naar de cinema, gaan wandelen, … “Je hoort me misschien al afkomen?” schreef ze. “Is er eventueel een mogelijkheid dat ik in de namiddag met mijn bewoners eens naar uw mooie tuin kom kijken?”

Dat zag ik wel zitten. Er waren al kleutertjes in de tuin geweest. En nu senioren, dat was weer iets helemaal anders. We spraken af dat ze op 1 augustus gingen komen. Ik ging een tuinsapje aanbieden, een rondleiding geven en ijsjes halen bij de plaatselijke ijsboer. Maar op 1 augustus regende het pijpenstelen.

Gelukkig was het deze week wel prachtig weer. Door de grote tuinpoort kwamen een 15-tal bewoners en enkele vrijwilligers binnen. Mooie tuinhoeden, fleurige jurkjes, enkele rollators en een rolstoel, de sfeer was meteen gezet. Zo’n dames en heren moest ik natuurlijk in stijl ontvangen. Ze kregen een homemade ice-tea van Rozebottel en kruisbessensiroop. Niet in bekertjes natuurlijk, maar in mijn ‘mooiste’ glazen. 😉

De jongste vrijwilliger was het lachebekje van de hoop. Hij draaide de bewoners rond zijn vinger. “Ik ben jouw BFF” zei hij tegen een dametje. Waarop zij hem lachend aankeek en hij repliceerde: “ha ja he, uw Buggenhoutse Fliere Fluiter!”

De woonassistente had gevraagd of ik wat beschutting / parasols voor de zon had om onder te zitten. Dat ik iets veel beter had: een echt natuurlijk aircosysteem, had ik geantwoord. De bewoners beaamden het. Onder onze notenboom met de voeten in het gras was het veel beter vertoeven dan onder een warme parasol.

De kippen werden gekeurd. Vooral de tamme zijdehoentjes vonden ze tof. Tijdens de rondleiding vroegen ze de pieren uit mijn neus. Vooral de appelboompjes die ik zonder vergif teel, dat begrepen ze niet. Dat kon toch niet?! In een biodiverse tuin kan dat wel, antwoordde ik. Alle dieren helpen hier om plagen onder controle te houden.

Vol verwondering luisterden ze naar het verhaal over de compost.

En naar de schapenwol in de serre stonden ze met open mond te kijken.

Eén meneer vond mijn bloemenweide een vuile hoek. Senioren zijn even rechtuit als kleuters. Ik legde hem uit dat ik normaal in augustus maai. Maar dat ik het nu speciaal voor hen laten staan had zodat ze konden zien hoe de structuur was. Dat de bloemen inderdaad bijna allemaal weg waren maar dat het in de zomer heel mooi was. “En toch is het vuil” hield hij koppig vol. Schattig he? 🙂

In de zwemvijver wilden ze niet springen want ze konden niet zwemmen. Liever een ijsje eten terug onder de boom.

Ik denk dat de dames en heren zich wel geamuseerd hebben. 10/10 voor de woonassistente! Ze heeft er een originele uitstap van gemaakt.

Dagboek van een Tuinranger (5)

Het is nu zaterdagnamiddag. De regen tikt gezellig tegen het raam. Dus ik zit binnen te lezen. Zat te lezen. Want ik moet regelmatig stoppen. Het is een zwaar, triestig en confronterend boek. Over hoe de mens de natuur wil vernietigen en aan zijn wil onderwerpen met pesticiden. Het boek is zeer oud, van in 1962. Het is een klassieker waar meer dan honderdduizenden exemplaren van verkocht zijn: Silent Spring van Rachel Carson. Maar spijtig genoeg is het nog zo actueel, waardoor het vorig jaar vertaald en herwerkt is.

Ik moest dus effe uit het boek. Daarom ging ik eens piepen op de WordPress Reader waar ik een blogbericht van Loes vond. Ze heeft het over betaald werk. Ik stuur haar dat ik haar baanbrekend idee, werken rond duurzaamheid uit de vrijwilligerssfeer halen, fantastisch vind. Prompt vraagt ze of ik nog eens een update wil geven over hoe het gaat als Tuinranger.

Met het boek van Rachel Carson en het blogbericht van Loes in mijn achterhoofd bedenk ik me dat dit eigenlijk wel straf is: mensen die advies geven over hoe je de tuin biodivers en klimaatvriendelijk inricht, krijgen geen loon. Maar mensen die advies geven over welke energieleverancier de goedkoopste is, krijgen dat wel. Niet dat ik een loon wil als Tuinranger, ik doe het omdat ik dat zeer graag doe. Maar het zegt wel iets over waar we als maatschappij waarde aan hechten he?

Maar die update dus. Ik denk dat wij echt wel heel nuttig werk doen. Want wat me opviel, is dat nog zeer veel mensen pesticiden gebruiken. Ze zeggen nochtans dat ze heel erg begaan zijn met de natuur. En ik geloof hen echt! Er is nog enorm veel onwetendheid over zogezegde gewasbeschermingsmiddelen. Er open, eerlijk en zonder oordeel over praten, helpt.

Het voelde zo goed toen een tuineigenaar die gif tegen de buxusmot gebruikte, uitriep: ‘Nu vliegen die Buxussen eruit!’ En ik mocht mee nadenken over welke planten ze dan in de plaats ervan zou zetten. Het gaat een zeer mooi én gifvrij tuintje worden! Van zo’n dingen word ik blij. Tijdens het naar huis fietsen, vloog er zowaar een Witte kwikstaart over straat. “Ik zorg ervoor dat jij geen giftig voedsel meer moet eten, manneke.” dacht ik toen…

Poppies

Nee, er heeft hier geen oorlog gewoed zoals in ’14-’18. Maar door de vreselijk droge zomer van vorig jaar en de flink uit de kluiten gewassen knotwilgen die met al het water gingen lopen, zijn achteraan in de tuin veel planten kapot gegaan.

Hoog tijd dus om dit stukje tuin eens opnieuw aan te pakken. Net zoals tijdens de oorlog werd de bodem flink verstoord. Nu niet door bommen maar wel door mijn ‘schup’. De zieke planten werden uitgestoken. En ik voerde grond uit de serre en veel compost aan.

Ik plantte droogteresistente planten aan. Zij die in de winter niet van natte voeten houden, zette ik wat hoger. Bedoeling was vooraan iets laag te zetten. Maar ik kon niet kiezen wat ik zou zetten en liet er wat tijd over gaan.

En toen stonden ze er ineens. Papaver somniferum en Papaver rhoeas. Zaden daarvan kunnen tientallen jaren in de bodem blijven zitten. Ze ontkiemen als de grond wordt omgewoeld.

De structuur van dat stukje tuin klopt nu natuurlijk niet meer. De papavers staan vooraan heel hoog en de plantjes daarachter zie je daardoor niet. Maar dat trek ik me toch niet aan. Het is daar een feest voor bijen en andere insecten.

Soms moeten we de ideeën die in ons hoofd zitten, eens kunnen loslaten he?