Een stralende zondagmiddag in oktober. De hemel kleurt helderblauw en de zon geeft nog enorm veel warmte. Klimaatopwarming is niet steeds kommer en kwel. Deze morgen had ik gezien dat de kafferlelies bloemen hadden. Dus een tuinsafari drong zich op. Sinds ik Tuinranger ben, benoem ik mijn gelummel en genieten in de tuin als safari. 😉
Op mijn hurkje, met mijn gsm in de aanslag, zit ik aan de vijver om een foto te nemen van de bloemen. Schizostylis coccinea ‘Mrs Hegarty’ is de naam van de variëteit. Ik kocht haar vorig jaar bij Lievesgarden ten voordele van Oekraïne.
Maar daar was dat ijdel beest het niet mee eens. Heel gracieus landde ze op mijn hand. Het was een bruinrode heidelibel. Verbaasd keek ik haar aan en draaide mijn hoofd een beetje. Zij draaide haar kopje ook. Ik draaide mijn hoofd naar de andere kant en zij deed hetzelfde. We bleven een tijdje naar elkaar kijken en met onze hoofden draaien. Had ik nu contact met een libel?! 🙂
Dan maar mijn camera (gewoon van de gsm he, maar camera ‘schrijft’ mooier) in de andere hand genomen en enkele plaatjes van haar geschoten. Daar was het haar om te doen. Rustig steeg ze weer op, cirkelde even rond mijn hoofd en vloog terug naar het water.
Eigenlijk is het hier super druk omdat ik weer met vanalles tegelijk bezig ben. Dus ik ging effe niet schrijven. Maar een mailtje van Loes doet me besluiten toch snel iets te delen.
Waarschijnlijk weet je wel dat de Europese erkenning van glyfosaat, ’s werelds meest gebruikte onkruidverdelger, afloopt op 15 december 2023? Elke lidstaat moet tegen dan beslissen of het voor of tegen een verlenging van het gebruik van glyfosaat is. Heel wat studies tonen aan dat glyfosaat heel schadelijk is voor het milieu en waarschijnlijk kankerverwekkend voor de mens. In Frankrijk wordt Parkinson erkend als beroepsziekte als je met glyfosaat moet werken.
En zeg nu zelf: het is toch heel tegenstrijdig dat we geen glyfosaat meer op onze oprit mogen spuiten omdat het te schadelijk is. Maar op ons bord mag het wel nog liggen. Deuh?! Ik word daar kwaad van. Jij ook?
Hier het mailtje dat Loes me doorstuurde:
Hallo allen,
ik kreeg volgend bericht binnen van ‘Voedsel Anders’:
Nederlanders en Belgen kunnen een email versturen naar hun desbetreffende ministers. Wees snel, want op 6 oktober moet al een standpunt ingenomen worden. Hoe meer emails onze ministers krijgen, hoe beter ;o).
Ik heb natuurlijk al een hele tijd geleden gemaild. Laten jullie ook jullie stem horen voor vrijdag? Please? 🙂
Als jullie zich afvragen hoe je hier terecht gekomen bent, (dat vroegen we ons inderdaad af), we hebben via het informatieblad aan de burgers gevraagd om speciale personen te nomineren. Dat kwam wel effe binnen.
Daar zaten we dan vrijdagavond, Karen en ik, genomineerd als laureaat van verdienste 2022 voor de gemeente Londerzeel omdat we ‘Onze Aarde Vieren‘ geschreven hebben. Naast Bert Brugghemans, overheidsmanager van het jaar 2021, de Vaandeldragers van Londerzeel, twee andere schrijvers en de broers die Gin 1840 stookten, mochten we lovende woorden ontvangen van de burgemeester en schepenen van onze gemeente.
We kregen ook letterlijk een pluim, zelf ontworpen en gemaakt in Londerlab met gerecycleerde materialen. Ik vind het een prachtige trofee en ben er super blij mee.
Ook een prachtig boeket bloemen kregen we. Maar …
Eind juni was de uitnodiging gekomen. Er zat ook een persoonlijke vragenlijst bij waarin we wat meer over onszelf moesten vertellen. De lieve wederhelft was me aan het plagen: “Ge gaat heel waarschijnlijk ‘vergifbloemen’ krijgen. Hoe ga je dat nu oplossen?”
Iedereen die me een beetje kent, weet dat ik echt niet graag een boeket bloemen uit de gangbare teelt krijg. Die zitten vol pesticidenresidu’s (lees zeker dit eens) en ik zet dat dus niet graag in huis. En zeker niet op het terras want dan vergiftig ik de bijen die er zouden op af komen. En waar moet je daarmee naartoe als ze uitgebloeid zijn? Op mijn composthoop wil ik dat vergif niet gooien. Eigenlijk moeten die naar het recyclagepark, bij het KGA (klein gevaarlijk afval).
Mensen die me doorgronden, geven dus gelukkig geen bloemen meer. Ik kan oeverloos gelukkig worden als ze in plaats daarvan afkomen met een vogelhuisje of insectenhotelletje. Dit voorjaar kreeg ik zelfs van vrienden plantpatatten en zaden ipv bloemen. Origineel, warm en hilarisch is dat toch he? Ondertussen zijn er zelfs enorm veel mogelijkheden om ecologisch geteelde bloemen te kopen. Zelfs in onze eigen gemeente.
Maar de lieve wederhelft kon wel eens gelijk hebben: de gemeente kent me niet dus die ‘vergifbloemen’ zouden wel eens mijn deel kunnen worden. Daarom deed ik in de vragenlijst nog een kleine toevoeging:
1. Hieronder kan u vrij nog enkele persoonlijke toevoegingen doen. We vinden het super tof dat we gaan ‘in de bloemetjes gezet worden’. Cfr: https://www.hln.be/londerzeel/inhaalbeweging-viering-laureaten-verdienste-van-het-jaar~a8bf4de4/ Toch willen we, als ‘ambassadeurs’ van klimaat en milieu, hier graag een kanttekening bij zetten. Wij hopen dat jullie bij het selecteren van de attenties rekening houden met het duurzame en ecologisch karakter ervan, bloemen uit de gangbare teelt bevatten immers massa’s pesticiden. Wij zijn zeer vereerd en totaal verrast dat we als Laureaat van verdienste 2022 verkozen zijn! Veel dank aan gemeente Londerzeel hiervoor!
Maar ze hebben het niet goed gelezen.
Een gekregen paard mag je echter niet in de bek kijken. Ik heb het ‘vergiftigd geschenk’ dus aangenomen. Vandaag voelt de dag van gisteren dubbel. Ik ben echt heel dankbaar voor de erkenning. Maar ergens ben ik ook verdrietig. Er is nog heel veel werk om het tij te keren en mensen te doen inzien dat het niet normaal is dat we pesticidencocktails als geschenk aan elkaar geven. Heb jij daar eigenlijk al bij stilgestaan?
Heel voorzichtig en op haar kousenvoeten stuurde de seniorenconsulente van de flatjes naast ons woonzorgcentrum een berichtje. Elk jaar doen ze in de zomer een uitstap: gaan bowlen, naar de cinema, gaan wandelen, … “Je hoort me misschien al afkomen?” schreef ze. “Is er eventueel een mogelijkheid dat ik in de namiddag met mijn bewoners eens naar uw mooie tuin kom kijken?”
Dat zag ik wel zitten. Er waren al kleutertjes in de tuin geweest. En nu senioren, dat was weer iets helemaal anders. We spraken af dat ze op 1 augustus gingen komen. Ik ging een tuinsapje aanbieden, een rondleiding geven en ijsjes halen bij de plaatselijke ijsboer. Maar op 1 augustus regende het pijpenstelen.
Gelukkig was het deze week wel prachtig weer. Door de grote tuinpoort kwamen een 15-tal bewoners en enkele vrijwilligers binnen. Mooie tuinhoeden, fleurige jurkjes, enkele rollators en een rolstoel, de sfeer was meteen gezet. Zo’n dames en heren moest ik natuurlijk in stijl ontvangen. Ze kregen een homemade ice-tea van Rozebottel en kruisbessensiroop. Niet in bekertjes natuurlijk, maar in mijn ‘mooiste’ glazen. 😉
De jongste vrijwilliger was het lachebekje van de hoop. Hij draaide de bewoners rond zijn vinger. “Ik ben jouw BFF” zei hij tegen een dametje. Waarop zij hem lachend aankeek en hij repliceerde: “ha ja he, uw Buggenhoutse Fliere Fluiter!”
De woonassistente had gevraagd of ik wat beschutting / parasols voor de zon had om onder te zitten. Dat ik iets veel beter had: een echt natuurlijk aircosysteem, had ik geantwoord. De bewoners beaamden het. Onder onze notenboom met de voeten in het gras was het veel beter vertoeven dan onder een warme parasol.
De kippen werden gekeurd. Vooral de tamme zijdehoentjes vonden ze tof. Tijdens de rondleiding vroegen ze de pieren uit mijn neus. Vooral de appelboompjes die ik zonder vergif teel, dat begrepen ze niet. Dat kon toch niet?! In een biodiverse tuin kan dat wel, antwoordde ik. Alle dieren helpen hier om plagen onder controle te houden.
Vol verwondering luisterden ze naar het verhaal over de compost.
En naar de schapenwol in de serre stonden ze met open mond te kijken.
Het is nu zaterdagnamiddag. De regen tikt gezellig tegen het raam. Dus ik zit binnen te lezen. Zat te lezen. Want ik moet regelmatig stoppen. Het is een zwaar, triestig en confronterend boek. Over hoe de mens de natuur wil vernietigen en aan zijn wil onderwerpen met pesticiden. Het boek is zeer oud, van in 1962. Het is een klassieker waar meer dan honderdduizenden exemplaren van verkocht zijn: Silent Spring van Rachel Carson. Maar spijtig genoeg is het nog zo actueel, waardoor het vorig jaar vertaald en herwerkt is.
Ik moest dus effe uit het boek. Daarom ging ik eens piepen op de WordPress Reader waar ik een blogbericht van Loes vond. Ze heeft het over betaald werk. Ik stuur haar dat ik haar baanbrekend idee, werken rond duurzaamheid uit de vrijwilligerssfeer halen, fantastisch vind. Prompt vraagt ze of ik nog eens een update wil geven over hoe het gaat als Tuinranger.
Met het boek van Rachel Carson en het blogbericht van Loes in mijn achterhoofd bedenk ik me dat dit eigenlijk wel straf is: mensen die advies geven over hoe je de tuin biodivers en klimaatvriendelijk inricht, krijgen geen loon. Maar mensen die advies geven over welke energieleverancier de goedkoopste is, krijgen dat wel. Niet dat ik een loon wil als Tuinranger, ik doe het omdat ik dat zeer graag doe. Maar het zegt wel iets over waar we als maatschappij waarde aan hechten he?
Maar die update dus. Ik denk dat wij echt wel heel nuttig werk doen. Want wat me opviel, is dat nog zeer veel mensen pesticiden gebruiken. Ze zeggen nochtans dat ze heel erg begaan zijn met de natuur. En ik geloof hen echt! Er is nog enorm veel onwetendheid over zogezegde gewasbeschermingsmiddelen. Er open, eerlijk en zonder oordeel over praten, helpt.
Nee, er heeft hier geen oorlog gewoed zoals in ’14-’18. Maar door de vreselijk droge zomer van vorig jaar en de flink uit de kluiten gewassen knotwilgen die met al het water gingen lopen, zijn achteraan in de tuin veel planten kapot gegaan.
Hoog tijd dus om dit stukje tuin eens opnieuw aan te pakken. Net zoals tijdens de oorlog werd de bodem flink verstoord. Nu niet door bommen maar wel door mijn ‘schup’. De zieke planten werden uitgestoken. En ik voerde grond uit de serre en veel compost aan.
Ik plantte droogteresistente planten aan. Zij die in de winter niet van natte voeten houden, zette ik wat hoger. Bedoeling was vooraan iets laag te zetten. Maar ik kon niet kiezen wat ik zou zetten en liet er wat tijd over gaan.
En toen stonden ze er ineens. Papaver somniferum en Papaver rhoeas. Zaden daarvan kunnen tientallen jaren in de bodem blijven zitten. Ze ontkiemen als de grond wordt omgewoeld.
De structuur van dat stukje tuin klopt nu natuurlijk niet meer. De papavers staan vooraan heel hoog en de plantjes daarachter zie je daardoor niet. Maar dat trek ik me toch niet aan. Het is daar een feest voor bijen en andere insecten.
Soms moeten we de ideeën die in ons hoofd zitten, eens kunnen loslaten he?
Wat gaat het snel! Eigenlijk is 4 juni al 10 dagen voorbij maar ik geniet nog na. Die ochtend vlogen mijn ogen om 06 uur al open. Da’s echt niet normaal voor een nachtraaf als ik. Voordeel was dat ik rustig kon wakker worden en ontbijten.
Er werden 288 bezoekers geteld. Maar op drukke momenten kwamen de mensen langs de twee poorten tegelijk. En dan is tellen moeilijk. We schatten dat het er meer dan 300 waren.
De avond ervoor hadden de mannen van Natuurpunt een nachtvlinderval opgezet. Naast heel wat toffe motten, zaten er zelfs nog meikevers in. Ze hadden ook een aquarium bij dat we vulden met water en beestjes uit de vijver. En ze hingen feromoonvallen op. Met determinatiekaarten en de ‘Obsidentify’ app werden de diertjes op naam gebracht. Alles werd op het einde van de dag natuurlijk terug vrijgelaten in de tuin. Ikzelf heb spijtig genoeg hun safari’s niet kunnen volgen.
Karen van Ortiga had een plaatsje onder de bomen uitgekozen. Daar liet ze de bezoekers zelf een anti-insecten rollertje maken op basis van etherische oliën.
Ook de Londerzeelse Tuinrangers waren aanwezig met een standje.
Na mijn rondleidingen doorheen de tuin, waren velen nog niet voldaan. Ze kwamen me ‘de pieren uit de neus’ vragen. Heel tof en gezellig! Jullie waren een zalig en lief publiek!
Dat jullie goed gedronken hebben, vonden de vrijwilligers van Oxfam heel tof. En ik vond het vooral gezellig dat er rond de middag spontaan picknickdekentjes verschenen.
En dan heb je natuurlijk ook nog bloggers die nooit om een geintje verlegen zitten. Vief, ik vond jouw (b)engeltje heel subtiel naast de serre, maar de dag erna. Menck daarentegen, die was veel gezwinder. Plotsklaps kreeg ik 3 varkens met een grote roze strik errond in de armen geduwd.
Nu ben ik er echt ene! Vorige maand werd onze opleiding afgerond met een bijeenkomst in het begijnhof van Diest. We kregen de laatste praktische tips, konden kennismaken met nieuwe tuinrangers van andere gemeenten en met de mensen van de vrijwilligerswerking. We merkten al direct dat Elisa, onze vrijwilligersverantwoordelijke, een joviale, goedlachse madam is. Ik kreeg al enkele toffe mailtjes van haar. De contacten met zo’n mensen maken dat je van vrijwilligerswerk zoveel voldoening krijgt.
De eerste 12 tuinen die we in Londerzeel bezoeken, gaan we met twee doen. Dan staan we wat sterker he ;). Mijn eerste tuinbezoek deed ik samen met Annick. Gisteren hielp ik Erna. De week erna helpt Rita mij en help ik Martine met een tuin. Ik ging ook al mee ‘als stagiaire’ met Kristien uit Asse. Zij heeft al meer dan 100 tuinen gedaan. Dus daar heb ik wel wat van geleerd.
Dat eerste tuinbezoek is enorm goed meegevallen. Een hele lieve jonge mevrouw die al direct toegaf dat ze geen groene vingers heeft maar wel enorm om de natuur geeft.
Ze had zich in de luren laten leggen door de tuinaannemer. Die had haar terras behandeld met gif tegen ‘onkruid’. De middelen die nu gebruikt worden, kunnen geen kwaad meer, had hij gezegd. Dat is spijtig genoeg niet juist. Het kankerverwekkende glyfosaat zal wel vervangen zijn door pelargonzuur. Maar dat is even giftig voor bodemorganismen en waterleven. Op de verpakking staat dat je minstens 10 meter verwijderd moet blijven van oppervlaktewater. En dat kan niet op een terras of oprit met een afvoer naar de riool. Daarbij werkt het niet echt. Alleen de bovengrondse delen van de plant worden aangetast. Dus na een maand staat het er terug. Ze heeft veel geld betaald voor niks. Wij adviseerden het onkruid tussen haar tegels te lijf te gaan met een grastrimmertje of een scheut heet water.
Wat hebben we nog verteld?
Dat je mos tussen de tegels op de oprit zelfs in gerenommeerde Engelse tuintijdschriften ziet. Dat het tussen onze oren zit, dat het weg moet. Mos is een echte luchtzuiveraar. Dus in onze living moeten we stofzuigen maar buiten niet. Zij was vooral bang dat ‘de mensen’ haar vuil zouden vinden. Dus dat de Tuinrangers haar zeiden dat het voor de natuur beter is, vond ze eigenlijk wel tof.
Dat je met een metserskuip ingegraven in de grond en waterplanten erin kikkers en salamanders kan aantrekken.
Dat bosaardbeitjes lekkere en makkelijke bodembedekkers zijn in dat stukje tuin waar ze geen weg mee weet.
Dat ze in dat moeilijk hoekje tegen de muur biobloembollen in de grond kan steken en tuingeraniums kan zetten.
We gaven haar zaadjes van inheemse bloemen, nuttig voor bijen. Want het carnavalsmengsel dat ze voor hen gezaaid had, daar zijn ze eigenlijk niet veel mee. Volgend jaar gaat ze onze bloemen zaaien. En ook de Margrietenzaadjes die we haar gaven, gaat ze gebruiken en uitdelen.
Dat ze heel goed bezig is in haar gazon. De kinderen voetballen er. Maar de mol mag er wroeten. Ze trekt de molshopen gewoon open. Daardoor kunnen madeliefjes en andere kruiden kiemen en krijgt ze een kruidenrijk gazon.
Dat in het gaatje in de muur waar steeds een bijtje naartoe ging, nu baby’tjes zitten die volgend voorjaar zullen uitkomen. Dat eerst de mannetjes zullen komen die de vrouwtjes zullen opwachten. Dat de Franse veldwesp die we tegenkwamen, niet naar limonade komt. En de groene schildwants die ineens op tafel landde en we in een loeppotje staken zodat ze haar kon bekijken, daar werd ze zowaar emotioneel van.
Of ons tuinbezoek positief was? Ik denk het wel. Vooral omdat ze op een bepaald moment uitriep: “Amai, het is hier precies mijn verjaardag vandaag!” Daar doet een mens het voor he?
De andere bezoeken deze week waren ook allemaal zo positief. En Kristien uit Asse stuurde ons allerlei informatie over inheemse planten door. Zij maakte daarmee een map, aangevuld met foto’s uit haar tuin. Dat wil ik deze winter ook maken. Als je foto’s kan tonen aan de mensen, dat spreekt meer aan.
Ik doe het echt graag: vertellen over de tuin, mensen tips geven om meer natuur te verwelkomen en zo onze gemeente een beetje mooier maken.
(Foto’s zijn van Bjorn Weynants tijdens onze Ecotuindag ’23)
Met zijn blitse wagen kwam hij afgereden, parkeerde zich en draaide duwde zijn venstertje naar beneden. “Hela, hela!” riep hij, “het is wel maai mei niet hè!” Vrolijk liep ik verder achter de grasmachine, zwaaide eens naar hem en riep lachend: “Het is maai mei slim!”
Ik weet dat hij hier komt lezen en niets zal begrepen hebben van mijn betoog dat probeerde boven het grasmaaier-geronk uit te komen. Daarom hier mijn uitleg.
Ik vind de actie ‘Maai mei niet’ super! Een eye-opener van formaat die ervoor zorgt dat iedereen hoort hoe we onze biodiversiteit kunnen helpen. Het is heel laagdrempelig en laat mensen die niet zo met natuur bezig zijn, ook eens kennismaken met het leven dat er komt als je het gras niet steeds millimetert.
Voor wie nog steeds twijfelt, ook na ‘maai mei niet’ kan je het gras terug onder bedwang krijgen. Grasmaaier op de hoogste stand zetten en eventueel zelfs enkel op de achterste wielen rijden. Daarna ga je er nog eens gewoon over en klaar is kees. Alles is terug netjes.
Dat weitje werd onderhouden door iemand van de gemeente. Hij maaide het twee keer per jaar en liet het maaisel gewoon liggen. Grasmaaisel, da’s voedsel voor de bodem. Daardoor is het een zeer vette wei met veel brandnetel en sterk gras, zoals gestreepte witbol, geworden. Bloemen kregen er geen kans.
Ik maaide wel niet alles af. Daar waar meer bloemen dan gras stonden, reed ik rond. Een buurvrouw die passeerde, zei: “Je bent zo’n mooie perkjes aan ’t maken.” In augustus en oktober zal ik nog eens maaien en direct afvoeren. Dit beleid zal ik waarschijnlijk enkele jaren moeten aanhouden tot het vette gras wat uitgeput is. Dan kunnen zaden van bloemen die ongetwijfeld in de zadenbank van het weitje zitten, ontkiemen. Dan zal ik zoals in onze bloemenweide niet meer moeten maaien in mei. Wist je dat langs de A12 waar het gras al decennialang zo beheerd wordt, zeldzame orchideeën staan? Boeiend toch hè?
Rondleidingen, demo’s en beestjes speuren in ecotuin Groengenot
Op zondag 4 juni 2023 van 10 tot 17 uur, tijdens het weekend van de Velt ecotuindagen, gaan ook in de Zwaluwstraat 72/1 in Malderen de tuinpoorten open. Groengenot is een ecologische en klimaatbestendige tuin, maar bovenal een tuin om van te genieten. Velt is de vereniging voor ecologisch leven, tuinieren en koken. Ze organiseert elk jaar tijdens het eerste weekend van juni deze tuinhoogdagen. Meer dan 250 tuineigenaars in Vlaanderen, Brussel en Nederland doen hieraan mee.
Allemaal samen
De afdeling Velt Neer-Brabant, insectenwerkgroep Voelspriet van Natuurpunt en Oxfam Londerzeel hebben de handen in elkaar geslagen om er in Groengenot een onvergetelijke dag van te maken.
genieten
Sinds 2009 genieten Hilde en Franky samen met hun kinderen, hond en kippen van deze tuin. Hilde is vrijwilliger bij de lokale afdeling van Velt en tuiniert zonder pesticiden. Naast haar job als nachtverpleegkundige is ze co-auteur van het boek ‘Onze Aarde Vieren – Enthousiasme in tijden van klimaatverandering’ en gaat ze binnenkort aan de slag als vrijwillige ‘Tuinranger’ voor gemeente Londerzeel. Ze wil graag tonen dat tuinieren zonder gif niet moeilijk of lastig is.
op een luie manier
Kom je graag te weten hoe je op een ‘luie manier’ een nieuwe bloemenborder aanlegt? Wandelen in de bloemenweide? Ontdekken hoe een ecologische zwemvijver werkt? Hoe je regenwater kan opvangen en in de tuin houden? De serre ontdekken? Of leren hoe je als moestuinier nooit meer moet spitten? Er worden meerdere rondleidingen gegeven, gespreid over de dag.