Ik kan het eigenlijk nog niet goed geloven maar de lente is echt al begonnen. Zo vroeg dit jaar!

Dit weekend trok een krantenkop mijn aandacht : ‘Hittegolf in de winter’ Er is alweer een dagrecord gesneuveld : 18,1°C in Ukkel op 15 februari, weeral de warmste sinds het begin van de metingen in 1901. En wat zeker raar is : het gaat nog zo’n dag of twaalf zo warm blijven.

Oorzaak is blijkbaar de ‘luie’ straalstroom door (jawel spijtig genoeg weer) de klimaatverandering.

Die straalstroom, dat is eigenlijk een snelweg van lucht op grote hoogte, die het ene weersysteem na het andere aanvoert. De motor van de straalstroom is het verschil in temperatuur tussen de polen en de evenaar. Maar de polen warmen nu sneller op dan de evenaar en daardoor valt de motor stil. De straalstroom verliest haar kracht en begint ook rare kronkels te vormen. Daardoor komt koude lucht dan bijvoorbeeld niet uit Noord-Europa maar direct uit Lapland. Of warme lucht zoals nu het geval is, ook ineens van veel verder.

De normale gemiddelde maximumtemperatuur voor februari is 6,6°C en voor maart 8°C. Momenteel zal het dus een halve maand dubbel zo warm blijven. Raar…
Voor tuiniers niet gemakkelijk. Maar wel leuk op dit moment. We mogen eraan beginnen want krokussen staan ineens volop in bloem. Zelfs de eerste narcisjes openen hun bloemknoppen. Gisteren zag ik op tv dat er al ‘kweetniehoeveel’ ooievaars in ons land zijn toegekomen. Dan is de lente begonnen, zeggen ze hè.

Dit weekend heb ik onze wilgen ‘Salix viminalis’ geknot. Dat is de wilgensoort die mooi rechte ‘wijmen’ produceert en die men gebruikt om manden mee te vlechten. Ik heb de bakken in de zonneborder ermee hersteld en de rest verhakseld om paadjes aan te vullen.


De zon en het ‘terug in de tuin mogen spelen’, het deed echt deugd!

Het is nu te hopen dat onze straalstroom in maart of april geen te erge bokkensprongen meer gaat maken in de andere richting en er nog een serieuze vorstperiode komt. Want dan zal er veel sneuvelen.



Al meer dan een jaar kon ik terecht in Buggenhout. Maar sinds eind vorig jaar is er nu ook een buurderij in Londerzeel en daar is het nog gezelliger!
Het concept komt eigenlijk overgewaaid uit Frankrijk. Daar begon men in 2011 onder de naam ‘La Ruche qui dit Oui’. In 2013 openden de eerste Franstalige buurderijen in Brussel. Uiteindelijk in 2015 springen Bea en Alain op de kar. Zij kiezen een Nederlandstalige naam ‘Boeren en Buren’ en openen de eerste Vlaamse buurderijen in Mechelen, Meise en Strombeek-Bever. En dan gaat het snel. Ze kunnen velen overtuigen, er komt een app. en momenteel zijn er al meer dan 110 Belgische buurderijen.
Ze vertelden over hun liefde voor de natuur. Over hoe ze ondervonden dat natuurlijke voeding hen gezonder maakte. Over hoeveel lekkerder dat wel is. Bea vertelde dat ze geen fruitsap uit de supermarkt meer drinkt sinds ze op tv zag hoe dat gemaakt wordt.
Bij ‘Boeren en buren’ is de korte keten belangrijk. Ze gaan voor een rechtstreekse verkoop en een eerlijke prijs voor de boeren. De boeren beloven dat ze duurzaam werken, zonder kunstmest en zonder chemische onkruid- en ongedierteverdelgers. Daardoor zijn de groenten en fruit veel zuiverder. Ook in de veeteelt maakt deze natuurlijke methode een verschil. De dieren krijgen de tijd en ruimte om zich te ontwikkelen en daardoor is het vlees kwaliteitsvoller. Ook bij de verwerking worden geen bewaarmiddelen of synthetische smaakversterkers toegevoegd. Daardoor zijn de producten veel natuurlijker en voller van smaak.
Soms hoor ik zeggen dat lokaal kopen duurder zou zijn. Awel, ik weet dat niet. Onlangs zag ik in de supermarkt een bloemkool liggen met een prijskaartje van 4,5 €! In de buurderij vind je nu gewoon geen bloemkool omdat het het seizoen niet is. Seizoensgebonden kopen, is veel goedkoper.



















)


