Zoals een roos de bloem van de liefde is, zo zijn anemonen die van de verwachting.
Sinds eind februari en nu nog steeds staan de blauwe anemoontjes hier in de tuin te bloeien. Drie jaar geleden kocht ik enkele knolletjes Anemone blanda en ‘k heb me dat nog niet beklaagd. Elk jaar komen ze overvloediger terug. Ze zaaien zich zelfs uit. Anemone blanda is een margrietachtig bloemetje in lavendelblauw of wit. Ze kondigen de lente aan.

Wat me ook verwachtingsvol en content maakt, is de terugkomst van de metselbijen in onze insectenhotelletjes. Er zijn heel veel soorten, maar de allereerste die na de winter tevoorschijn komen, zijn de gehoornde metselbijen. Al twijfel ik of deze geen rosse metselbijen zijn. ’t Zijn in ieder geval heel rustige, vredelievende bijen. Er landde er ééntje op mijn neus terwijl ik probeerde foto’s te nemen (ja, dat krijg je als je uw neus in andermans zaken steekt) maar prikken, dat deed ie niet. Ze zijn heel belangrijk voor de bestuiving van planten dus ik koester ze.


Wat de liefde en verwachting betreft, ik heb hier vandaag nog een jong koppeltje betrapt. Achter een hoopje stenen dat ik wilde opruimen omdat één van mijn krielkipjes daar steeds op sprong en dan over de draad vloog. In de winter mag ze wel in de hele tuin scharrelen op zoek naar slakkeneitjes. Maar nu er jonge zaailingen opkomen, houd ik haar liever in het kippenhok.
Achter dat hoopje stenen lag ook een dakpan en daar zat Julia met haar Romeo op haar rug. ‘k Heb ze stilletjes laten zitten. Binnenkort kruipen deze schattige padden wel naar de poel. Daar zal Julia haar eitjes in lange snoeren afzetten en Romeo die nog steeds op haar rug zit zal ze uitwendig bevruchten.

Ook de buurman wilde zijn zaadjes kwijt. We ruilden sla, boontjes, broccoli en nog verschillende soorten groentezaden. Ook in de moestuin verwachten we dus weer vanalles. Laat de lente maar komen…
























Al meer dan een jaar kon ik terecht in Buggenhout. Maar sinds eind vorig jaar is er nu ook een buurderij in Londerzeel en daar is het nog gezelliger!
Het concept komt eigenlijk overgewaaid uit Frankrijk. Daar begon men in 2011 onder de naam ‘La Ruche qui dit Oui’. In 2013 openden de eerste Franstalige buurderijen in Brussel. Uiteindelijk in 2015 springen Bea en Alain op de kar. Zij kiezen een Nederlandstalige naam ‘Boeren en Buren’ en openen de eerste Vlaamse buurderijen in Mechelen, Meise en Strombeek-Bever. En dan gaat het snel. Ze kunnen velen overtuigen, er komt een app. en momenteel zijn er al meer dan 110 Belgische buurderijen.
Ze vertelden over hun liefde voor de natuur. Over hoe ze ondervonden dat natuurlijke voeding hen gezonder maakte. Over hoeveel lekkerder dat wel is. Bea vertelde dat ze geen fruitsap uit de supermarkt meer drinkt sinds ze op tv zag hoe dat gemaakt wordt.
Bij ‘Boeren en buren’ is de korte keten belangrijk. Ze gaan voor een rechtstreekse verkoop en een eerlijke prijs voor de boeren. De boeren beloven dat ze duurzaam werken, zonder kunstmest en zonder chemische onkruid- en ongedierteverdelgers. Daardoor zijn de groenten en fruit veel zuiverder. Ook in de veeteelt maakt deze natuurlijke methode een verschil. De dieren krijgen de tijd en ruimte om zich te ontwikkelen en daardoor is het vlees kwaliteitsvoller. Ook bij de verwerking worden geen bewaarmiddelen of synthetische smaakversterkers toegevoegd. Daardoor zijn de producten veel natuurlijker en voller van smaak.
Soms hoor ik zeggen dat lokaal kopen duurder zou zijn. Awel, ik weet dat niet. Onlangs zag ik in de supermarkt een bloemkool liggen met een prijskaartje van 4,5 €! In de buurderij vind je nu gewoon geen bloemkool omdat het het seizoen niet is. Seizoensgebonden kopen, is veel goedkoper.












