Winterwerken

Dat je in de winter niet kan buitenspelen? Wie zegt dat?

Half december is de ‘vriend met verstand van groenwerken’ nog eens komen helpen om de wilgen te knotten. Wij hebben acht knotwilgen. De helft daarvan hebben we teruggezet tot op de stammen. De andere helft zullen we binnen een jaar of twee doen. Zo zullen onze vroege bijen dit voorjaar niet verhongeren, ze hebben nog vier bomen waarop ze stuifmeel vinden. Op de vier geknotte bomen zullen dit jaar nog geen wilgenkatjes groeien. Daarom knotten we ze nooit allemaal tegelijk.

Het was heel koud maar het had nog steeds niet geregend in december. Daardoor stond er geen water in de (poel)gracht. Eigenlijk was dat wel makkelijk. Alleen met de afsluiting moesten we rekening houden. Daarvoor bond de ‘vriend met verstand van groenwerken’ een spankabel rond de takken in de boom. Mijn vader en ik trokken die dan naar de richting van de weide. En dan gaan lopen als die gevaartes met veel gedruis op ons afkwamen. Een spannend werkje en rennen op bevroren ondergrond, da’s niet zo makkelijk.

Eens het knotten zelf gedaan was, mocht vader naar huis. Hij is vorig jaar op tram 8 gestapt en is wat rapper moe ook al wil hij dat natuurlijk zelf niet toegeven ;). Al de takken en stammen op den hof sleuren, dat was de volgende klus waar we ons konden mee verwarmen.

Mijn pijp is uit …

’s Avonds vanuit de zetel stuurde ik deze foto van Swenga naar de ‘vriend met verstand van groenwerken. “En hoe is het met uw pijp?” antwoordde hij. “Mijn koppeke is nog fris maar mijne rug jong😅!” stuurde ik terug. “Daarmee dat ik wat langer gebleven ben om u te helpen om alles uit de beek te halen.” Ik voel me heel rijk met zo’n vrienden!

Het hout sorteren, dat was nog zo’n tof werkje waar ik het lekker warm van kreeg. De takken snoeien, dikke stammen bij elkaar en dunnere takjes bij elkaar leggen. De dunnere takjes heb ik ondertussen gehakseld. Deze week begin ik te zagen. De stammen he, in huis zaag ik al genoeg, zegt de tienerdochter.

In de moestuin heb ik de randen van de bedden hersteld. Daarvoor had ik van iemand uit ons dorp oude dakpannen gekregen. De weggetjes heb ik bedekt met het gehakseld hout.

Tijdens al die winterwerken merk ik dat de dagen stilaan beginnen te lengen. Het heeft gelukkig eindelijk geregend maar op een maand tijd is er zoveel regen gevallen dat de gracht overloopt. Gaat het straks terug maanden droog blijven eens het stopt met regenen? We krijgen een raar klimaat, vind ik.

Tuinrangers gezocht

Een stoere ranger die je in een Afrikaans wildpark meeneemt op safari, op zoek gaat naar wilde dieren en je allerlei feiten vertelt over het reservaat waar hij opereert. Dit was het beeld dat ik voor ogen kreeg toen ik voor het eerst over tuinrangers hoorde.

Iets minder spectaculair is het, maar toch ook echt cool hoor. Ik wil het graag worden.

Wist je dat 9% van Vlaanderen uit tuinen bestaat? Da’s best veel als je weet dat we maar 3% natuurgebied hebben en 11% bos. Een enorm potentieel dus om klimaatverandering en biodiversiteitsverlies een beetje tegen te houden. Alle beetjes helpen. Dus daarom wil Vlaanderen haar gemeenten ondersteunen om inwoners te informeren hoe ze hun tuinen meer biodivers en klimaatrobuust kunnen maken. Een koelere tuin die regenwater beter vasthoudt, waar vlinders en vogels zich thuis voelen en waarin je zelf helemaal tot rust kan komen, da’s toch een droom voor iedereen?

De tuinrangers, die in 2020 het levenslicht zagen, zorgen dat die droom werkelijkheid wordt. Een tuinranger werkt als vrijwilliger voor de gemeente. Je krijgt van hen een boeiende opleiding bij Inverde en daarna kan je gratis tuinadvies op maat gaan geven aan tuineigenaars. Dat klonk als muziek in mijn oren. Da’s toch echt iets voor mij he?

Ik sprak dus de verantwoordelijken in onze gemeente aan maar ge weet hoe dat gaat als iets wat geld kost he. Gelukkig wint de aanhouder meestal en nu heeft Londerzeel zich uiteindelijk toch ingeschreven. Er zouden 5 tuinrangers mogen starten bij ons. Frans De Smedt, Velt-lesgever, gaat in Londerzeel de opleiding geven. De cursus, mooi gedocumenteerd met natuurfoto’s, ziet er echt prachtig uit. Er zijn ook toffe hulpmiddelen en documentatie die je kan meenemen op de tuinbezoeken.

Op 25 januari gaat er in Londerzeel een infomoment door en hier kan je je inschrijven als je ook graag komt luisteren. Want misschien wil jij ook wel tuinranger worden? Ik kijk er iig al enorm naar uit!

Bijna verdronken teddybeer gered in Malderen

Het gebeurde half september dit jaar, na een lange, droge, warme zomer. Eindelijk regende het. Pijpenstelen!

Tussen twee regenbuien door was ik snel de kippen gaan eten geven. De zon kwam door de wolken gepriemd en ineens voelde ik een dikke modderspetter die op mijn broek kwakte. Dacht ik. Maar bij nader inzien, was het een ongelukkige hommel. Ze was helemaal doorweekt. Haar ‘pelsen frakske’ plakte tegen haar lijfje en ze trilde helemaal, ocharme!

Ik reikte haar mijn hand, nee een vinger en ze klampte zich vast en klom omhoog. Het lukte. Met haar voorpootje probeerde ze haar kapsel wat te fatsoeneren. Kwestie van wat deftig onder de mensen te komen, maar dat was tevergeefs. Haar haartjes geraakten alleen nog meer verfomfaaid. Ze zag er niet uit. Voorzichtig liet ik haar in mijn hand kruipen en maakte een kommetje zodat ze goed beschermd zat. Zo gingen we in de zon zitten. Dat deed haar zichtbaar deugd en ik kon haar een beetje beter bekijken. Het trillen verminderde en met haar voelsprietjes tastte ze m’n hand af. Met haar facetoogjes keek ze me aan. Of dacht ik dat alleen maar? Zachtjes haar haartjes droogblazen vond ze in ieder geval leuk. Met haar middelste pootjes wreef ze over haar rug, kopje en voelsprieten. Wist je dat zelfs daar haartjes opstaan? Zo’n schattige berenpootjes had ze.

De zon verdween weer en een volgende regenbui kondigde zich aan. Haar zomaar buiten achterlaten, kon ik niet over mijn hart krijgen. Maar haar mee naar binnen nemen, mijn huisgenoten verklaren me nu al zot.

Gelukkig was daar de serre. Ik had er zelfs nog bloemen staan. Stekjes die ik genomen had van Agastache. Ik heb haar wel even moeten porren tegen haar dikke kont maar uiteindelijk is ze toch op zo’n bloemetje geklommen.

Valt het op dat ik verliefd ben op hommels? Nu het winter is, mis ik ze verschrikkelijk in de tuin. Ik kijk al uit naar de lente als ze er weer zijn. Brommend en donzig, zoekend naar nectar. En vooral grappig onhandig als ze met hun dik lijf op een te frêle bloemetje willen landen en pardoes naar beneden tuimelen. Zaaalig! Vind jij dat ook?

Alternatieve kerstboom

Dochter was weer al weken aan het zeuren voor een echte kerstboom dit jaar.

Vorig jaar had ik na zoveel jaren ecologisch te gaan, nog eens toegegeven. Ik had in het tuincentrum een exemplaar gekocht waarvan ze beloofden dat hij écht zijn naalden niet zou verliezen. Ik zou hem zelfs na de kerstdagen in de tuin kunnen zetten en het jaar nadien opnieuw gebruiken. Met open ogen tuimelde ik in hun verkooppraatjes, kieken da ‘k ben. Ik gaf hem alle dagen water en besproeide zijn naalden met water uit de plantenspuit. Maar het was zelfs nog geen kerst en ik kon al kilo’s naalden bijeen vegen. Ik heb toen gezworen dat ik me nooit meer ging laten vangen.

Maar dochter wilde dus een echte boom. Desnoods een plastieken. Zo’n exemplaar hebben we vroeger ook jaren gehad. Die was dan versleten en de plastiek brokkelde in stukjes uiteen. Microplastics dus. Voelde ik me schuldig toen we die weggegooid hebben. Nooit nog een plastieken kerstboom voor mij!

Als alternatief heb ik in de tuin twee takken afgezaagd van een struik die toch moest gesnoeid worden. Helemaal overtuigd is ze niet: “Moeke, twee takken in een pot, da’s geen kerstboom.” meesmuilde ze. Maar de lieve wederhelft en zonen vinden het wel gezellig.

Wat denk jij over de ‘kerstboomtraditie’?

Klimaatterrorisme

Geweld, opzettelijk vernielingen aanbrengen, radicale en agressieve acties, ik heb het daar moeilijk mee.

En toen zag ik hoe ineens actievoerders voor het klimaat zich gingen vastlijmen aan kunstwerken. Of soep en verf over de kaders rond of glas voor waardevolle schilderijen gooien. Prachtige kunstwerken roepen emoties op. Dit willen vernietigen, is niet de juiste manier!

Vind ik …

Ik lees al een hele tijd vanalles over het klimaat en onze planeet. Dus wilde ik ook wel eens uitzoeken wat deze activisten doen en wat hun bedoeling is. En of hierdoor de maatschappij zich niet zal keren tegen iedereen die het goed meent met het klimaat. Ik had het gevoel dat al onze inspanningen nu kort en klein geslagen werden door enkele brute individuen die vooral amok willen maken.

Groot was mijn verbazing toen ik merkte dat wetenschappers en verenigingen zoals Grootouders voor het klimaat pal achter deze acties staan. Kunstwerken aanvallen is toch niet doelgericht? Wat heeft kunst met de klimaatcrisis te maken? Zouden ze niet beter vervuilende fabrieken besmeuren?

Blijkbaar doen TotalEnergy-activisten dit al lang. Maar de media pikt dit niet op omdat mensen daar onverschillig tegenover staan. Iets anders zoeken dan om aandacht te krijgen? Ik weet het niet maar vind dit fenomeen wel enorm boeiend.

Wat er nu ineens ook gebeurd is: de artistiek directeur van het SMAK in Gent wil samenwerken met de klimaatactivisten en hij roept andere directeurs op dit ook te doen. Hij vraagt aan ons de wanhoop en angst van de activisten te respecteren. Hij begrijpt dat het een kreet uit onmacht is. Dat ze met die acties ons oproepen om wakker te worden. Hoe fantastisch is dat?! Eigenlijk zou ik het boek van Prof. Dr. Ir. Jan Rotmans ‘Omarm de chaos’ , ook eens moeten lezen. Klimaatactivisten zorgen voor chaos.

Maar het is meer dan chaos. En het is niet zomaar iets van drieste individuen. Het is sociologie! En het heet: de ‘radicale-flanktheorie’. De acties van een radicale flank van een sociale beweging kunnen een enorm effect hebben op het succes van de volledige beweging. Dankzij deze acties komt het thema ‘klimaat’ veel regelmatiger in de media. Zelfs de grote massa spreekt er ineens over. En natuurlijk veroordelen ze de acties. Maar het zorgt er wel voor dat ze nu gaan luisteren naar het meer gematigde deel van de beweging. Ik snap wat ze bedoelen. De activisten creëren een podium waar het gematigde deel nu wél mag verkondigen wat het probleem is. Zij worden nu ineens niet meer als zo extreem gezien.

Eigenlijk zijn die activisten onze stormfuseliers in de strijd tegen de klimaatcrisis. Het zijn martelaars.

Dan wil ik dit podium toch even gebruiken om jou te vragen of jij het ECT, energiehandvestverdrag kent? Het is een verdrag van onze regeringen met de fossielebrandstofindustrie om ervoor te zorgen dat we zeker zijn van energie. Maar als regeringen maatregelen willen nemen tegen de klimaatcrisis die nadelig zijn voor deze industrie, moeten ze miljarden aan schadeclaims betalen. Willen we de mensheid kunnen redden, moeten we uit dat verdrag stappen. Frankrijk, Nederland, Duitsland, Slovenië, Italië en Spanje willen een gecoördineerde Europese uitstap. Onze Vlaamse regering wil dat niet. Daardoor kunnen we dus niet gaan investeren in hernieuwbare energie. Word jij daar ook zo boos van? Hier kan je de petitie tekenen om onze beleidsmakers te vragen toch eens goed na te denken.

Wist je dat er op de klimaatconferentie in Egypte deze dagen, 636 lobbyisten uit de fossielebrandstofindustrie druk aan het onderhandelen zijn om onze regeringsleiders te overtuigen vooral bezig te blijven met uitstoten? En wist je dat de berekening van de individuele C02-voetafdruk ook van hen komt? Zo focussen we meer op onszelf. Het eerst in eigen boezem kijken voor we anderen veroordelen, is ons steeds geleerd. Goede tactiek he om de massa braaf te houden zodat zij verder kunnen met hun verwoesting? We zullen wij wel zingen voor het klimaat!

Wist je dat er ook enorm veel geld gegooid wordt naar marketing om ons te laten geloven dat die industrie duurzaam is? Filmpjes en dure commercials over hernieuwbare energie projecten waar ze mee bezig zijn. Met al dat geld zouden we het écht kunnen doen. Want dit gaat over 5% van hun business. Voor de overige 95% blijven ze gas ontginnen en olie opboren want daarvan worden ze rijk.

En wij arm. De klimaatcrisis is ook een sociale crisis. En daarmee denk ik nu aan de tijd van Daens en de arbeidersbeweging. Zij kwamen ook in opstand en brachten vernielingen aan. Misschien is de tijd van zingen voor het klimaat inderdaad voorbij? Ik vind dat heel sympathiek en creatief. Maar het heeft ons niks, nada, noppes opgebracht. Sinds de oprichting van het IPCC is de jaarlijkse CO2-uitstoot alleen maar verhoogd. Onze stormfuseliers dan toch koesteren?

Wat denk jij van deze crisis en chaos?

Mooie plantencombinaties begin november

Hier is nog steeds wel wat kleur in de tuin ook al is het al november.

Van de tuin- blog- en Veltvriend had ik vorig jaar veel nieuwe plantjes gekregen. Daardoor is mijn bloeiboog nu nog beter gevuld. Nee, een bloeiboog is geen houten of ijzeren boog met bloemen. (Al staat dat hier ook in de tuin). De bloeiboog is de periode gedurende het jaar dat er voor bijen en andere bestuivers bloemen, dus nectar en stuifmeel als voedsel aanwezig is. Het is belangrijk dat er vanaf februari voedsel te vinden is. Hier in de tuin kunnen bijen dan smullen van het stuifmeel van de wilgenkatjes. De wilgen worden daarom nooit allemaal tegelijk geknot. Katjes groeien namelijk op tweejarig hout. Ook sneeuwklokjes, krokussen, Helleborus en Bergenia zorgen hier voor vroege bestuivers.

Maar ook late vogels hebben nog voedsel nodig. Vandaag kwam ik nog een dikke, brommende hommel tegen. Ze deed zich tegoed aan de bloemetjes van Isodon longitubus.

De blauwe bloemetjes van Isodon longitubus op de voorgrond met Aster ‘Pink Button’s’ en Sedum ‘Herbstfreude’ erachter

De kleine blauwe bloempjes van Salvia greggi ‘Blue Note’ die al de hele zomer bloeit met erachter een gezaaide Gaillardia (uit de Malderse zadendoos)

Een hele oude Chrysantemum die ik ooit kreeg van mijn schoonmoeder. Zij heeft hem gekregen van haar grootvader. Het is een variëteit met heel slappe stelen. Daarom heb ik hem achter het lavendelhaagje gezet en zeer nauwgezet regelmatig van ‘Chelsea Chop’ gedaan. Dit is een snoeimethode waarbij je in de maand mei de toppen van de plant wegneemt waardoor die bossiger en meer compact uitgroeit. Desondanks heef hij het nog moeilijk zoals je ziet. Maar omdat hij zo oud is, mag hij blijven.

Dianthus superbus, prachtanjer die ik kocht bij Bloemerij staat nu nog in bloei.

Bloemetjes van Strobilanthes rankanensis met het gemarmerd blad van Brunnera ‘Alexander’s Great’, ideaal voor in een schaduwhoekje.

Hoe zit dat hier met die poel?

Toen we hier in 2009 kwamen wonen, lieten we met hulp van Natuurpunt een poelgracht graven achteraan onze tuin. Al snel zat daar heel veel leven in: verschillende soorten libellen, kikkers, salamanders, padden, krinkelende winkelende waterdiertjes. Echt tof! In de weide achter onze tuin groeiden vooral boterbloemen en pinksterbloemen. Het was hier heel romantisch en biodivers.

Maar een jaar of acht geleden, veranderde de bemestingsfrequentie van de weide. Waar er vroeger een keer per seizoen hooi geoogst werd, was dat nu drie keer. En drie keer per seizoen kwam de beerkar kwistig met sleepslangen vloeibare mest sproeien. Of grote karren vaste mest werden tot over de perceelsgrens en tot in de poel gestrooid. Enkele weken na zo’n bezoek, zagen we dan dat het water in de poel bruin werd.

Kikkers verdwenen. Libellen zagen we niet meer. Padden hadden we nog wel. Tot enkele weken na zo’n bezoek. Door al die mest legden ze steeds het loodje.

Ik moet toegeven, het is niet alleen door al die mest. Ook de klimaatcrisis doet het leven in onze poel geen goed. Door de langdurige droogte hadden we al snel heel weinig water in de poel. Daardoor was de stikstofconcentratie natuurlijk ook veel hoger. In de maand mei hadden we nog een stinkende brij vol muggen. Eigenlijk had ik dat water als vloeibare meststof kunnen verkopen!

Het is nu november en de poel staat nog steeds kurkdroog. Vorig weekend hebben we gemaaid. En deze week is de mestkar nog eens geweest. Of dat er hier ooit nog leven zal terugkomen? Ik weet het niet. Met ons nieuwe project ben ik heel blij. Hier hebben toch al wat diertjes een veilig onderkomen gevonden.

Mooie plantencombinaties in oktober

Deze keer alleen wat foto’s. Het is hier zo druk. Ook de tuin ‘ontploft’ hier nog steeds van de kleuren. Nog effe, besef ik. Vooral asters zijn toffe blikvangers nu.

Sedum ‘Herfstfreude’ met op de voorgrond Calamintha nepeta nepeta en Salvia ‘Mittenwald’. Achteraan Aster ‘Pink Button’s’.
Verschillende Asters achter de vijver. Volgend jaar mogen er nog wel wat bij, bedenk ik me.
Toffe herfstkleuren bij elkaar van het krentenboompje Amelanchier lamarckii en op de voorgrond Schijnels Clethra alnifolia
Deze Ceratostigma plumbagoides vind ik een toffe combinatie ‘op zichzelf’. Heel de zomer bloeiend met blauwe bloempjes en nu kleuren de blaadjes rood.

Ik kocht de plantjes dit voorjaar in de Vlindertuin en zette ze aan de voet van de beukenhaag, de hele dag in volle zon. Dat ze goed tegen droogte kunnen, is dus waar. De winter doorkomen, zou met gebruik van een mulchlaag ook geen probleem mogen zijn.
Ook aan het terras bekennen de planten nog kleur

Bloemerij

Een tijd geleden heb ik iets nieuw gevonden: een kwekerij van inheemse wilde planten. Op zaterdag 17 september ging ik naar hun opendeurdag.

Inheemse wilde planten bieden heel veel voedsel voor bijen, vlinders en andere insecten die we broodnodig hebben. Daarbij was dit wel een heel makkelijke manier om mijn bloemenweide nog wat op te pimpen. Ik moest geen zaden meer zoeken, voorzaaien in de moestuin en uitplanten als de planten groot genoeg zijn.

De naam Bart Kersschot deed een belletje rinkelen. En inderdaad. Ik was hem tegengekomen bij Ecoworks, de firma die onze ecologische zwemvijver aanlegde. Bart werkte vroeger bij Ecoflora, waar hij zich vooral bezighield met de bloemenweide mengsels. Hij is bio-ingenieur en heeft zeer veel ervaring in de groensector. Zijn partner Catarina Tojal studeerde biologie en nam de passie van Bart voor wilde planten over. Zij richtte in 2021 de kwekerij op.

In Laarne, achter het kasteel, vind je het paradijs dat ze samen creëerden. Meer dan honderd soorten wilde planten kweken ze zelf op uit zaad. In onverwarmde tunnels wordt gezaaid en als de zaailingen sterk genoeg zijn, worden ze buiten geplaatst. Bart en Catarina gebruiken geen plastic potjes. Ze werken met biologisch afbreekbare plantpluggen, een soort netjes. Wel tof, vind ik, zo zie je direct dat de planten zeer goed geworteld zijn. Kunstmeststoffen of pesticiden komen er natuurlijk ook niet in.

Iedere plant heeft een ‘paspoort’ met alle uitleg die je nodig hebt, erop.

Wil jij zelf ontdekken of wilde, inheemse planten iets zouden kunnen betekenen voor jouw tuin of balkon? Bekijk dan zeker eens hun prachtige website.

Pluk de toekomst

Vandaag waren we nog eens te gast bij boer Luc op het Gezonde Plukveld in Merchtem.

De gemeentelijke Noord-Zuid adviesraad en de gemeente organiseerden er een dag in functie van “consumeer met respect voor mens en milieu”. We mochten de leerlingen van het zesde leerjaar van acht scholen uit Merchtem en omstreken het verhaal ‘Onze Aarde Vieren’ vertellen. Ook onze vereniging Velt konden we voorstellen.

Echt tof en boeiend, we hebben enorm genoten van de interactie met de leerlingen. Maar respect voor de leerkrachten, ik zit hier nu pompaf. 😉

Wat zouden wij graag hebben dat ze onthouden:

  1. Dat ze allemaal een beetje ‘Greta Thunberg’ mogen zijn. De meesten wisten wel al heel goed wat klimaatopwarming is en hoe dat komt.
  2. Dat boer Luc, als CSA bioboer veel slimmer is dan president Bolsonaro van Brazilië. Boer Luc verzorgt zijn bodem en helpt insecten terwijl hij super lekkere en mooie groenten kweekt. (Dat konden ze zien.) President Bolsonaro laat de longen van Moeder Aarde platbranden voor intensieve landbouw en palmolieplantages.
  3. Dat er nu nog slaven zijn en dat wij dat systeem in stand houden door kleding te kopen in Primark en andere goedkope winkels. Dat je tweedehands heel toffe en goedkope kleding kan vinden. (Bv. in grote steden kleding/kg) En dat dat voor onze planeet ook beter is omdat dankzij dat hergebruik er minder grondstoffen nodig zijn.
  4. Dat bloemen, fruit, groenten, gras, bomen,… in de tuin nodig zijn en dat we daar geen pesticiden moeten gebruiken. Dat je om over biodiversiteit te leren, bij Velt terecht kan.

We gaven hen ook een opdracht mee naar school. Ze mogen eens nadenken over wat zij, als leerling van het zesde leerjaar nu zouden kunnen doen voor onze planeet. En wat hun ouders zouden kunnen doen. De antwoorden gaan de leerkrachten ons opsturen. Wij gaan die verwerken en de resultaten zullen ook op de website van de gemeente geplaatst worden.

Overmorgen, zondag 25 september ’22 doen we ons verhaal nog eens opnieuw, maar dan voor het grote publiek. Het samen met andere mensen iets kunnen doen voor onze planeet, dat geeft mij moed. Misschien komt het allemaal nog wel goed?